Een geschiedenis van de Hervormde kerk van Pesse, versie 2.0 - 4 De predikanten van de Hervormde Gemeente Pesse

Hits: 32400

Artikelindex

 

 

 

4 De predikanten van de Hervormde Gemeente Pesse

 

 

 

 

 


De ingelijste portretten van predikanten in de consistoriekamer; de foto van de laatste predikant van de Hervormde Gemeente, ds. G. Van Zanden, ontbreekt. Maar er ontbreekt meer.
In de consistoriekamer hing altijd een ingelijste verzameling van (pas-)fotootjes van de achtereenvolgende predikanten. Theun Krikke heeft de foto’s gedigitaliseerd. Hieronder noem ik alle 21 predikanten die Pesse gediend hebben voor kortere of langere tijd. Van sommige kon ik wat meer gegevens achterhalen. Enkele recente predikanten reageerden positief op het verzoek om hun herinneringen aan het kerkgebouw en de pastorie op papier te zetten. De gegevens betreffende de data en beroepen komen van de website www.dominees.nl.

 

x



H.J. Bergsma.
Ds. H.J. Bergsma (Hepke Jacobus). Hij was de eerste predikant in Pesse van 16-06-1872 tot 1874. Hij kwam in 1872 van Sebaldeburen en vertrok naar Wijngaarden (beide in Fr.) Er is geen foto van hem bekend en hij staat ook niet genoemd in boven genoemde fotolijst.
In deze vacature was ook nog kandidaat W. Beekhuis beroepen. Hierboven leest u dat hij bedankte na twee proefpreken.



H. Rutgers. Ds. H. Rutgers (Herman). Hij was de tweede predikant, na ds. Bergsma, en de eerste in de lijst in de consistorie. Hij stond in Pesse van 21-06-1874 tot 05-09-1880. Hij kwam als kandidaat en vertrok naar Terhorne (Fr.).
Kennelijk had hij zich geliefd weten te maken want bij zijn afscheid maakte de PDAC gewag van ‘een groote schare’ die zijn afscheidsdienst bijwoonde. Hij voltooide zijn loopbaan na veertig jaar in Vries.

x                      x

x

Bericht in de PDAC van 8 sept. 1880 over het afscheid van ds. Rutgers van Pesse en van 22 juni 1914 over het met emeritaat gaan van ds. Rutgers.          



J.R. van Kooij. Ds. J.R. van Kooij (Jacob Roelof), predikant in Pesse van 11-09-1881 tot 09-05– 1886. Voor hij in Pesse kwam, waren er drie vergeefse beroepen uitgebracht. Toen hij benoemd werd in Pesse, was hij nog kandidaat. In 1886 nam hij een beroep aan volgens de krant naar Heeze en volgens dominees.nl naar Steenderen.
Voor ds. Van Kooij was er ook een beroep uitgebracht op twee andere predikanten.

 x



Geen foto en geen vermelding in de consistoriekamer van een predikant die slechts een half jaar in Pesse gestaan heeft: ds. H.W. Bruins (Hillenius Wibbinus), namelijk van 06-10-1889, komend uit (De) Knijpe tot, vertrekkend naar Haulerwijk, op 25-05-1890.
Hij werd beroepen in mei 1889, na een lange periode zonder predikant in Pesse. Er waren in de vacaturetijd maar liefst vijf vergeefse beroepen uitgebracht. In het Algemeen Handelsblad van 18 augustus 1889 wordt bericht dat er in de Synodevergadering met goedkeuring kennis werd genomen van het besluit der synodale commissie om dispensatie te verlenen met betrekking tot de predikdienst in Pesse ten behoeve van een godsdienstonderwijzer. De commissie had de kerkenraad eerder geschreven ‘dat deze pogingen behoorde aan te wenden om door vermeerdering van het traktement in de vacature van predikant te voorzien’, m.a.w. Pesse betaalde te weinig en zat daardoor al lang zonder predikant. De afgevaardigde uit Drenthe kon evenwel in de synodevergadering melden dat in de vacature inmiddels was voorzien. De PDAC van 26 augustus 1889 meldt dat ‘daar onze gemeente nu geruimen tijd vacant is geweest’ men zich nu kon verheugen spoedig ‘weer een leeraar in ons midden te hebben, daar deze met half September zijn intrede wenscht te doen.’ Op 29 september nam ds. H. Bruins in Knijpe afscheid. ‘Een zeer grote menigte vulde het kerkgebouw om de vertrekkenden leeraar te hooren. Met leedwezen zien velen den leeraar vertrekken.’(PDAC 1 okt. 1889). Op 13 maart 1890 kreeg ds. Bruins een beroep te Haulerwijk. (Rotterdamsch Nieuwblad 13-03-1890). De PDAC van 25 maart 1890 meldde dat ds. Bruins had toegezegd het beroep naar Haulerwijk aan te nemen. Mei 1890 nam de dominee alweer afscheid van Pesse. ‘Hij sprak naar de woorden uit Joh. 16:31. De gemeente zong den vertrekkenden leeraar staande toe Ps. 121:4> Een groote schare woonde deze plechtigheid bij.’ (PDAC 22-05-1890)
Ik heb verder niet kunnen achterhalen waarom ds. Bruins slechts zo kort in Pesse is gebleven. Was het het salaris dat tegenviel? Ds. Bruins krijgt in 1889 een ‘vergoeding van pacht’ (bedoeld is de roggepacht, LM) van fl. 27,50 en fl. 17,50 als gemeentetoelage. Dat was geen vetpot. Een gemeente leeft niet bij brood alleen, maar een predikant leeft niet van het woord alleen…




N.E. van Laer Dinckgreve. Ds. N.E. van Laer Dinckgreve (Nicolaas Engelhart). Hij kwam op 04-09-1892 voorzien in de plotseling ontstane vacature door het vroegtijdige vertrek van ds. Bruins. Er waren toen al drie vergeefse beroepen uitgebracht. Hij kwam van Bourtange. Hij bleef in Pesse tot 13-12- 1896 en ging toen met emeritaat.

 



J.B. Moorrees. Ds. J.B. Moorrees (Johannes Burghardus). Hij deed als kandidaat uit Aalst intree in Pesse op 01-05-1898 en overleed op 27-07-1899. In kranten en tijdschriften kon ik helaas niets over deze predikant achterhalen. Hij was niet de enige predikant die op relatief jonge leeftijd in Pesse overleed. Zie verderop.
Het eerste beroep was in dit geval meteen succesvol.

 x


 

 

E. Saraber. Ds. E. Saraber (Elie). Hij kwam als kandidaat uit Utrecht in Pesse op 28-10-1900. Op 10-10- 1909 vertrok hij naar Leeuwen. Ook bij het vervullen van deze vacature was het eerste beroep al succesvol.
Deze dominee is van grote betekenis geweest voor Pesse, in ieder geval in praktische zin. Tijdens zijn predikantschap werd de eerste steen gelegd voor het ‘lokaal’ bij de kerk, de voorloper van De Voorhof. Hij zorgde voor het eerste orgel in de kerk en hij financierde zelf en bouwde het lokaal Bethel in Stuifzand, dat later aan de diaconie werd overgedragen. Hij was een geliefd predikant, wat ook wel blijkt uit het bericht over zijn afscheid in de PDAC van 13 okt. 1909. Volgens het bericht in de PDAC van 4 okt. 1940 ging hij in dat jaar met emeritaat.
Artikeltjes uit de PDAC 13-10-1909 en 4-10-1940

x                        x

 

x

x   

x

 




H.S.J. van der Flier. Ds. H.S.J. van der Flier (Hendrik Samuël Joannes).
Hij kwam na één vergeefs beroep op een andere predikant op 08-05-1910 uit Nijkerk naar Pesse en nam afscheid op 29-06-1913.


 

 

J.H. Vaandrager. Ds. J.H. Vaandrager (Jan Hendrik). Hij kwam in Pesse op 19-10-1913 uit Rotterdam-Charlois en vertrok op 10-06-1917 naar Grijpskerke. Voor hem was er nog een ander beroep uitgebracht.


 


D.J.F. Westenburg. Ds. D.J.F. Westenburg (Dirk Jan Frederik). Hij kwam op 12-08-1917 en daarvoor was hij hulpprediker te Utrecht. Op 04-07-1926 vertrok hij naar Blokzijl.
Het eerste beroep was meteen succesvol.

 x

 


G.S. Pijlgroms. Ds. G.S. Pijlgroms. Hij kwam als kandidaat uit Sneek in Pesse op 14-11-1926 en overleed op 04-08-1928. Er waren twee vergeefse beroepen voor het Pijlgroms was die toezegde. Met ds. Pijlgroms was het een triest geval. Hij overleed al op 29-jarige leeftijd ‘na een kortstondige ziekte’. In 1923 haalde hij zijn kandidaatsexamen in Groningen. In 1926 was hij door het Provinciaal Kerkbestuur van Overijssel toegelaten tot de evangeliebediening. Pesse was zijn eerste en ook zijn laatste standplaats.
“Dof klonken de kerkkloktoonen over het vredige landschap, in rouw over het verlies van zijn predikant”, berichtte de PDAC van 13 augustus. “Droefheid woonde in de harten van vele gemeentenaren der Ned. Herv. Kerk te Pesse, medegevoel met de diepgetroffen ouders.” Op 12 augustus sprak Dr. L.N. de Jong, de consulent van Ruinen, in de kerk van Pesse een herdenkingsrede. Hij memoreerde dat het 14 november juist twee jaar geleden zou zijn dat ds. Pijlgroms zijn intrede had gedaan in de gemeente, “die zooveel hoop had gevestigd op dezen jongen man, bezield met jeugdigen moed en grooten ijver, zich geheel gevend aan zijn roeping.” “Langzamerhand kwamen echter de vermoeidheden, die zich al meer herhaalden en zijn krachten sloopten. Zondag den 18 Maart trad hij voor het laatst op voor zijn gemeente.” Hij is begraven in Workum.
Uit de PDAC van 13 augustus 1928

x          x


 


L. Seinhorst. ds. L. Seinhorst (Louwrens).Hij kwam in Pesse op 14-04-1929. Hij vertrok op 24-08-1947 naar Oosternieland. Ds. Seinhorst stond in tegenstelling tot zijn voorganger heel lang in Pesse. Maar liefst 18 jaar. Na Pesse had hij nog maar één standplaats voor hij met emeritaat ging in 1960. Voor hij in Pesse kwam, was hij hulpprediker in Uithuizen.
Op hem was het eerste en enige beroep in deze vacature.
(Nieuwsblad v/h Noorden 23-09-1965)

x      x


 

H.G. van Beusekom. Ds. H.G. van Beusekom (Hendrik Goosen) ontbreekt met een foto in de lijst die in de consistoriekamer hing. Hij kwam in Pesse op 08-08-1948 vanuit Cuijk en ging op 01-09-1953 met emeritaat. De kerkenraad had eerst twee anderen benaderd. Deze predikant staat wel op de jubileumfoto op pagina 78.


 

 

A. van Ginkel. ds. A. van Ginkel. Hij kwam op 14-02-1954 als kandidaat uit Ederveen en vertrok op 01-11-1959 naar Elst (Gld.)De kerkenraad had al één ander beroep uitgebracht.
“Ds. A. van Ginkel overleden. Ds. A. van Ginkel is op 30 augustus 2015 overleden. Albertus van Ginkel werd op 26 juni 1929 geboren in Doorn. Hij studeerde theologie in Utrecht en werd in 1954 Hervormd predikant in Pesse. Daarna stond hij in het Gelderse Elst (1959) en was hij legerpredikant (1966). In 1975 promoveerde hij op een onderzoek naar het ouderlingenambt in de zestiende en zeventiende eeuw. Ds. Van Ginkel ging in 1984 met emeritaat. Van 1984 tot 1999 was hij secretaris van de visitatoren-generaal van de Nederlands Hervormde Kerk.” (Uit: Reformatorisch Dagblad, 2-9-2015)

 x



A.J. de Bue. Ds. De Bue werd geboren op Zuid-Beveland, hij aanvaardde zijn ambt in Pesse op 17 januari 1960 en nam hier afscheid op 24 mei 1964. Hij vertrok naar Makkum.
Het eerste beroep was succesvol.

x


 

 

A. Sturm. Ds. A. Sturm was eerst vicaris in Utrecht en kwam op 05-07-1964 naar Pesse. Hij bleef tot 06-10-1968 en vertrok toen naar Nijland.
Voor Sturm was er een andere predikant benaderd. Tijdens zijn predikantschap werd De Voorhof gerealiseerd.

 x



D.C.C. Stap. Ds. D.C.C. Stap (Dirk Coenraad Claudius). Hij kwam naar Pesse vanuit Heerlen/ Heerlerheide op 15-12-1968. Hij diende Pesse lange tijd, tot 30-03-1986, de datum waarop hij als emeritus vertrok naar Zorgvlied. Het eerste beroep was al succesvol.
Merkwaardig is dat zijn foto wel voorkomt in de verzamellijst, maar dat zijn naam en ambtsperiode niet vermeld is in de lijst die achterop geplakt zit. Die verspringt ineens van 1968 (ds. Sturm gaat weg) naar 1988 (ds. Verboom komt).
In het archief bevindt zich nog een enthousiaste brief van ds. en mevrouw Stap, gedateerd 5 december 1968, waarin hij meldt dat hij net van de heer Kloosterman gehoord heeft dat de schilder met zijn werk in de pastorie is klaar gekomen en alles ‘kant-en-klaar’ is voor hun intrek, volgende week. Hij betuigt zeer uitvoerig zijn ‘blijdschap en erkentelijkheid’(en die van zijn vrouw) voor het feit dat er met ‘zo grote voortvarendheid’ gewerkt is. ‘Het doet ons nog meer verlangen om naar Pesse te komen.’ Zo gaat de brief van twee kantjes nog even door.

x


 

F. Verboom. Ds. F. Verboom. Na twee jaar vacature arriveerde op 14-02-1988 ds. Verboom als kandidaat. Op 05-07-1992 vertrok hij naar Kampen waar hij in 2016 nog staat.
Voor Verboom had de kerkenraad een andere dominee benaderd.

Helaas ging ds. Verboom niet op de uitnodiging in om een bijdrage aan deze tekst te leveren. 

 x



A.H. van Veluw. Ds. A.H. van Veluw (Bert) kwam 12-12-1993 als kandidaat naar Pesse en vertrok op 23-07-2000 naar ‘s-Gravenzande. Het eerste beroep was meteen succesvol.
Hij begon zijn loopbaan als gymleraar en koos op latere leeftijd alsnog voor de studie theologie. Op donderdag 10 januari 2002 promoveerde hij aan de theologische faculteit van de Rijksuniversiteit te Groningen. Zijn werkstuk droeg als titel: ‘De straf die ons de vrede aanbrengt’. Als ondertitel kreeg het boek de woorden mee: 'Over God, kruis, straf en de slachtoffers van deze wereld in de christelijke verzoeningsleer'.
Als predikant in IJsselmuiden schreef hij in 2011 een studie getiteld: ‘Waar komt het kwaad vandaan? Over God, schepping, evolutie en de oorsprong van het kwaad’. Hij heeft meer publicaties op zijn naam staan.

x    x



Ds. Van Veluw. Rechts:  voor de Hervormde kerk van Pesse bij een artikel over 125 jaar kerk van Pesse; foto Hoogeveensche Courant         


Ds. A. H. van Veluw nam afscheid in Pesse en hield zijn gemeente drie punten voor naar aanleiding van Handelingen 17:1-4 en 1Thessalonicensen 5:12-28. Houdt van uw kerkenraad, riep de predikant op. "Heb hen lief om hun werk. Zij hebben zorg voor de gemeente, leiden u in de Heere en wijzen u terecht." Als tweede spoorde hij zijn gemeente aan werk te maken van "het ambt aller gelovigen". Verder riep hij de gemeente op altijd met blijdschap dankbaar te zijn (vers 16). Door zijn vertrek kwam er ook een einde aan zijn synodelidmaatschap. Ds. Van Veluw staat in 2016 nog in IJsselmuiden.


Hieronder deelt ds. Bert van Veluw zijn herinneringen aan zijn tijd in Pesse.


“Herinneringen aan de Hervormde kerk en pastorie in Pesse


Aan 'onze eerste gemeente' Pesse-Stuifzand-Fluitenberg bewaren we warme herinneringen. Daar mocht ik als predikant het vak leren. Dan denk ik terug aan de mooie dingen met u, maar ook aan de verdrietige, waarin ik u mocht bijstaan.
Als ik aan ons kerkgebouw denk, zie ik mezelf weer staan op de kansel. In het eerste jaar had ik een plattegrond gemaakt van de banken. Met hulp van Jan Zomer heb ik daarop alle namen geschreven, op de plek waar u de meeste zondagen zat. Zo kon ik de namen bij de personen leren kennen. Dat kon in onze knusse, overzichtelijke kerk. Tijdens de collecten keek ik dan rond en oefende de namen.
Verder herinner ik me de leesplanken die we in de hal maakten. Daarop konden we de brochures leggen, die ik schreef. Ook denk ik nog met veel genoegen aan de ouderenmiddagen in De Voorhof die we hebben opgezet. En de uitjes met de huifkar. Op een van die middagen kreeg ik bij de uitgang, waar ik altijd stond om iedereen een hand te geven, van verschillende dames een 'smok', omdat ik niet wist wat dat was.
De kerkenraadsvergaderingen in De Voorhof waren - op een enkele uitzondering na - zeer plezierig. Ik herinner me nog een vergadering met de visitatoren. Ze vroegen: 'Hoe gaat het met het jeugdwerk?' 'Hoe gaat het met de diaconie?' 'Hoe met prediking en pastoraat?' Op alle vragen werd met een summier 'Goed!' geantwoord. Er werd verder weinig verteld. Toen ze weg waren, werd er weer honderd uit gepraat met elkaar. Ik zei: 'Waarom zeiden jullie niks? Waarom vertelden jullie niet wat meer over hoe het gaat in de gemeente?' 'Noh, we gaan die vremden toch niet alles vertellen?' was de reactie. We hebben er smakelijk om gelachen.
In de pastorie hebben we met veel plezier gewoond. Prachtig, dat bos achter het huis waar de kinderen konden spelen. Ook in de tuin aan het klimrek met schommels dat later nog voor het goede doel is verkocht aan Jan en Alie Groote voor hun kinderen. Verder hadden we in de tuin een vuurplaats met echte Drentse zwerfkeien er om heen. Daar hebben we op zomeravonden vaak om heen gezeten met de kinderen. Dat gaf zo'n oergevoel, zo één met de natuur.
'Grappig' waren de stookkosten. Wij kwamen uit Nijkerk, uit een kleiner en goed geïsoleerd nieuwbouwhuis. We verbruikten ƒ. 80,- . Toen we in Pesse kwamen was dat over de ƒ. 200,-. Toen heb ik ds. Verboom gebeld. Of er misschien ergens een gaslek zat. Hij moest lachen. Hij had indertijd hetzelfde gedacht.
Toen wij jaren later in 's-Gravenzande woonden, werd ik een keer gebeld door ds. Jans: 'Dag Bert, hé zeg, zit er hier soms ergens een gaslek?' Nu schoot ik in de lach. Maar ondanks dat, hebben we toch genoten van het wonen in Pesse.
Zeker ook hebben we genoten van de prachtige omgeving. Als ik dan in het voorjaar en de zomer langs de Boerveense plassen fietste op weg naar Stuifzand en door het bos, genoot ik van die natuur. Ook als we op zaterdag gingen fietsen over de Dwingeloose heide.
Wij danken iedereen voor de mooie jaren. Ik heb veel van u geleerd en met vreugde het Woord van God onder u verkondigd. Ik hoop dat u wat aan prediking, pastoraat, catechese en kringwerk hebt gehad.
Met vriendelijke groeten,
ds. Bert (en Inge) van Veluw, IJsselmuiden”



E.H. Jans. Ds. E.H. Jans (Egbert) kwam in Pesse op 10-06-2001 als kandidaat en vertrok op 09-05-2010 naar Oldemarkt – Paasloo. De kerkenraad had geen anderen benaderd.
“Ds. W. J. Bouw uit Utrecht heeft gisteren in de hervormde gemeente van Pesse kandidaat E. H. Jans bevestigd tot dienaar van het Woord. De tekst van de bevestiging was uit het zendingsbevel in Matthéüs 28: 19b. Ds. Jans vervult de vacature die ontstond na het vertrek van ds. A. H. van Veluw naar 's-Gravenzande.
Aan de handoplegging namen deel de gereformeerde predikant J. van den Berg, de bevestiger, en de hervormde predikanten A. R. Deijl, D. C. de Dreu, J. Eschbach, A. Jonkman, G. J. Ros, A. H. van Veluw en ouderling B. Kaspers.
's Middags deed ds. Jans intrede met een preek over Efeze 3:18. Daarbij las hij de roeping van Jesaja en een gedeelte uit 1 Korinthe 12. „Jesaja werd geroepen, ondanks dat hij zichzelf te gering achtte om Gods boodschappen door te geven: Soms oordelen en soms boodschappen van heil.” Vanuit 1 Korinthe 12 ging ds. Jans in op de vele gaven in de gemeente als lichaam van Christus. „Ieder heeft gaven ontvangen om God, de gemeente en elkaar te dienen. Voor jaloezie is geen plaats. Wel voor de gedachte de ander uitnemender te achten dan jezelf.”
Na de dienst sprak B. J. A. C. Scholten als vriend van de familie, ds. Ros namens de ring en classis Hoogeveen en als consulent, ds. R. J. Perk namens het Evangelisch Werkverband, ds. J. van den Berg namens de Gereformeerde Kerk van Pesse en J . H. Wiechers als voorzitter van de kerkenraad.” (www.rd.nl; 11-06-2001).
Ds. Jans staat in 2016  in Paasloo – Oldemarkt.

Helaas ging ds. Jans niet in op een herhaalde uitnodiging om een bijdrage aan deze geschiedenis te leveren. 

x



G. van Zanden. Ds. G. van Zanden (Gerard) kwam op 13-01-2013 naar Pesse als, zoals spoedig zou blijken, de laatste predikant van de Hervormde Gemeente te Pesse. Hij was toen nog kandidaat. Vóór hem had de kerkenraad nog een andere kandidaat benaderd.
Ds. Van Zanden werd benoemd in een vacature van de Hervormde Gemeente, maar kwam uiteindelijk als 'PKN-dominee' in de nieuwe fusiegemeente. De Hervormde Gemeente ging namelijk na een 'Samen-op-weg'-proces op 24 mei 2015 op in de Protestantse Gemeente te Pesse.
Naast dominee is hij (in 2016) assistent in opleiding aan de Protestantse Theologische Universiteit. Sinds mei 2012 werkt hij aan een promotieonderzoek met als doel het analyseren van de theologie van Frans Breukelman en het historisch en theologisch plaatsen en waarderen van zijn bijdrage aan de Nederlandse theologiebeoefening in de twintigste eeuw.

x

En… daarnaast is hij nog spraakmakend lid van de Citroën ID/DS Club… Op internet staat een interview van Gies Aalberts met foto’s van Rob Hoen, waarin de dominee vertelt over zijn studie en beroep. Hieronder enkele citaten daaruit, omdat ze een inkijkje geven in het leven van een jonge predikant in de huidige tijd.

x

x


“Gerard van Zanden, we bezoeken hem omdat hij zich op 3 maart als nieuw lid van de Citroën ID/DS Club heeft aangemeld. Waarom doet iemand dat? ‘Mijn vrouw Eef was de drijvende kracht. Ze vond dat ik een hobby moest hebben. Een bestaan als predikant – want dat is mijn professie – is erg druk. Er zijn zondagen dat ik op wel drie locaties moet preken. Niet alleen in mijn eigen parochie hier in Pesse, maar ook elders op uitnodiging. Eef vond dat ik niet alleen maar voor andere mensen in de weer moet zijn, maar ook tijd voor mezelf moet vrijmaken.’
Van huis uit kreeg Van Zanden de liefde voor het merk Citroën mee. Nu spaart hij voor een klassieke DS, de bekende ‘snoek’. De interviewer vraagt: “Vindt hij het niet wat profaan dat velen de DS een godin noemen? (DS spreek je in het Frans uit als Déesse wat godin betekent, LM) ‘Nee hoor, zo vreemd is die vergelijking niet. Roland Barthes noemde de DS een kathedraal.(…) Voor mijn preken voor andere gemeenten krijg ik een vergoeding. Dat zijn bescheiden bedragen, maar er zijn zondagen dat ik op wel drie locaties preek. Dat gaat allemaal op een spaarrekening. Ooit staat daar het budget voor de DS, voor de DS waarop ik verliefd hoop te worden. Als ik naar een DS kijk, schijnt de zon. Daar is niets rationeels aan. (…) Ik wacht wel tot ik word verrast; levenskunst is openstaan voor dingen die je overkomen. En als die DS er dan eenmaal is, dan gaat ie nooit meer weg. Een auto doe je niet weg. Hoe kun je iets wegdoen waarmee je dingen hebt beleefd? Als die AX ooit overbodig wordt, dan zet ik ‘m met de ramen open achter in de tuin. Geef ik ‘m terug aan de natuur.’ “


Ds. Van Zanden blikt in de volgende bijdrage terug op zijn ervaringen met het wonen in de pastorie en zijn jaren in de oude kerk.


“Spinnenwebben
In januari 2013 ben ik beroepen door de Protestantse Gemeente van Pesse. Die was toen nog ‘in wording’. Dat kwam erop neer dat we als hervormden en gereformeerden bijna alles samendeden; alleen een paar handtekeningen ontbraken nog. Een van de mooiste momenten was dan ook het daadwerkelijke samengaan van de beide gemeenten met Pinksteren 2015. Een belangrijke stap voorwaarts.
Dat er aan de fusie ook pijnlijke kanten zouden zitten, wisten we natuurlijk wel. En toch kwam het hard aan toen we één van onze kerkgebouwen moesten verkopen. De keuze viel op de hervormde kerk, een charmant en dierbaar gebouw met helaas veel achterstallig onderhoud. De kerk werd inderdaad verkocht, en op Eerste Paasdag 2016 en in de daaraan voorafgaande Stille Week hielden we er de allerlaatste kerkdiensten. Het moest, dat besefte iedereen. Maar het was een emotionele tijd, met name voor onze kerkgangers van hervormde komaf.
Het is ons als predikantsgezin ook niet in de koude kleren gaan zitten. Je weet wel dat het kerkzijn niet draait om een gebouw, maar tóch: we moeten er elke dag tegenaan kijken… De laatste keer dat ik er binnen was, moest ik mij een weg banen door een paar spinnenwebben. De kerkzaal gaf een troosteloze aanblik. Op de nauwsluitende, diepe kansel, waar je niet te hard met je vuist op de rand moest slaan omdat er dan stof uit het gebarsten klankbord kwam, ligt geen opengeslagen bijbel meer. Achter in de kerk geen orgel meer waarop je in het halfdonker nog stiekem spelen kan. De voorste paar banken eruit gesloopt. Het stond allemaal in schril contrast met de levendigheid en warme gezelligheid die ik mij herinner van vóór de verkoop.

‘Wij leven van de wind
… die aanrukt uit den hoge, en heel het huis vervult waar knieën zijn gebogen.’ Het zingen van gezang 249 uit het Liedboek voor de Kerken had in de hervormde kerk altijd een bijzondere bijklank. Boven windkracht 5 was die ‘wind’ in de tochtige kerkzaal namelijk goed voelbaar. Zeker bij koud weer was het er niet altijd behaaglijk. Ook in de pastorie naast de kerk werd (en wordt!) er gestookt voor het vaderland.
Vanuit de pastorie hebben mijn vrouw en ik de wondere wereld van de ornithologie ontdekt. Op het grote whiteboard in de keuken staan inmiddels zo’n veertig vogelsoorten die we vanuit huis hebben gespot. En het is, wat het dierenrijk betreft, niet gebleven bij vogels alleen. Onder de motorkap van onze Citroën 2CV, die bij de winterdag in het schuurtje-met-kolenhok gestald staat, hebben we meermaals een muizennest aangetroffen, met alle problemen van dien. In de nestkasten vonden we regelmatig een wespennest. En er kwamen dieren aanlopen. Eerst een kat, toen een steenmarter, en toen een kip. De kat en de kip zijn gebleven, de steenmarter is met een schepnet gevangen door buurman Beumer en overhandigd aan de dierenambulance.
Verder bevindt zich rondom de pastorie een mossige vlakte die door velen ten onrechte wordt aangezien voor een grasveld. Na een paar rondes verticuteren troffen we onder het mosdek allerhande souvenirs van vorige pastoriebewoners aan: felgekleurde speelballen, grijze ingegraven pvc-buizen en zelfs roestige boorstukken. Mocht dit bericht u bereiken, weleerwaarde collega’s: hartelijk dank daarvoor!
Ach, het is maar een kleine greep uit de vele herinneringen en gedachten aan hervormd Pesse. En ik heb ontdekt: het zijn gelukkig niet de gebouwen die een kerk maken. Het zijn de mensen. Die mensen hebben mij ontzettend veel ruimte gegeven om te ontdekken wie ik ben als predikant. En ondanks dat we de tijd wat tegen hebben, zijn die mensen er gelukkig nog steeds. Mensen die zich door de Heere geroepen weten om deel uit te maken van de gemeenschap van mensen die delen in het wonder van vergeving en verzoening. En dan besef je weer: ten diepste is de kerk geen mensenwerk. Het is God Zelf die Zijn kerk bouwt. En dat zal Hij blijven doen!
ds G. van Zanden, december 2016”

 



Hieronder herinneringen van ds. C. J. ’t Lam aan het gebouw. Ds. ’t Lam was vóór de fusie de Gereformeerde predikant van Pesse.


“De andere kerk


Op 9 juni 2006 verhuisden mijn vrouw en ik naar Hoogeveenseweg 20. Een week later werd ik bevestigd in de kerk ernaast, nummer 22. De receptie en aansluitend de maaltijd waren in de school, een klein eindje verder, nummer 28. En dan nog weer verder, nummer 42, stond de andere kerk. Geen wereld van verschil, maar nog wel twee werelden.
Kanselruil
Mijn eerste keer in de Hervormde Kerk was in het kader van een kanselruil. Collega Egbert Jans en ik ruilden twee keer per jaar van kansel. Hij in mijn kerk en ik in de zijne. Van de dienst kan ik me verder niets herinneren. Alleen dat ik dacht: bij een volgende kanselruil neem ik graag mijn eigen kansel mee. Het steile, smalle trapje naar boven bood weinig steun aan mijn voeten met schoenmaat 47. En eindelijk boven in de bak gekomen, bleek er geen zitruimte te zijn. Hoogverheven in mijn geruilde hangplek verkondigde ik het Woord. En dacht met angst: ik moet straks ook nog naar beneden.


Paasnacht


Met ontroering denk ik terug aan de paasnacht van 2010. In het donker kwam ik met zes jongvolwassenen een overvolle kerk in. Vele jongeren begonnen hun zaterdagavond in de Hervormde Kerk. Speciaal gekomen om getuige te zijn van de doop en de belijdenis van hun vrienden. Maar tegelijkertijd werden ze deelgenoot van het Geheim van de Opgestane. Met handen nog vochtig van het doopwater sprak ik over allen de zegen uit. Het “U zij de glorie” klonk als nieuw en veelbelovend. Langzamerhand verdwenen de meesten in het donker van de nacht. Een aantal op weg naar het uitgaansleven in Hoogeveen.
Een nieuwe fiets
Inmiddels had de andere kerk een naam gekregen: Voorhofkerk. Aan een dienst in dit kerkgebouw heb ik nog een nieuwe fiets overgehouden. Ik had mijn fiets keurig aan de kant geparkeerd: onder het raam van de studeerkamer van de naastgelegen pastorie. De bumper van een auto en de muur van de pastorie bleken samen echter sterker te zijn dan mijn fiets. Later op die dag constateerde de fietsenmaker: total loss. De rekening mocht naar de eigenaar van de auto. Na die ene keer parkeerde ik mijn fiets toch liever achter de Voorhof.


Draaiorgel


Op het verzoeklijstje van een overleden gemeentelid, een rasechte Amsterdamse, stond: “Aan de Amsterdamse grachten”. In de dagen voorafgaande aan de begrafenis heb ik meerdere keren overleg gehad met de dienstdoende organist. Hij had nog nooit eerder in één dienst zoveel diversiteit van muziek gespeeld. “Het komt wel goed,” zei hij. En dat kwam het ook. Toen de klanken van Bach goed en wel waren verstomd, zongen we uit volle borst: “Aan de Amsterdamse grachten”. Het kerkorgel leek wel een draaiorgel geworden.
Een viertal herinneringen aan “de andere kerk”. Het kerkgebouw staat nu al bijna een jaar leeg. Een wat triestig gezicht. Ik hoop dat er een goede nieuwe bestemming zal komen. Het heeft het wel verdiend. Na zovele jaren trouwe dienst.
Ds. Cees J. ’t Lam”

 

Hulppredikanten


Naast de ‘reguliere’ predikanten heeft Pesse twee maal een hulppredikant gehad, en wel in de beginjaren, nl. A. Busman in 1870 en R.J. Nijsingh in 1895.

 

 

 

naar boven