Inhoudsopgave
Vietnam reisverslag
Singapore en Saigon
Kennismaking
In de fietstaxi door Saigon
De Mekongdelta
Cu Chi Tunnels en Cao Dai tempel
Naar Nha Trang
Nha Trang
Nha Trang de visserswijk
Naar BMT
Naar Pleiku
Het Giarai volk
Naar Hoi An
Fietsen bij Hoi An
Hoi An verkennen
Naar Hue
Hue verkennen
Naar Ha Long Bay
De wondere wereld van Ha Long Bay
Naar Hanoi
Naar Sapa
Wandelen in de omgeving van Sapa
Naar Bac Ha
Markt in Can Cau; H'Mongs
Markt in Bac Ha; naar Hanoi terug
Omgeving van Hanoi
Hanoi verkennen
Naar huis
Alle pagina's

Dinsdag 22 april  Ha Long Bay → Hanoi

Met de bus rijden we terug naar Hanoi. We stoppen weer om van die lekkere mini ananasjes te eten en voor koffie bij een grote aardewerkhandel. Wat daar niet te koop is! Ook wel heel mooie spullen. Mooie potten voor de tuin bij voorbeeld. Lastig meenemen. Riet mag een vrouw meehelpen met het met de hand decoreren van aardewerk.

In Hanoi gebruiken we de lunch in een restaurant waar ook de organisatie zit die voor Arcadia de reis regelt in Vietnam. Dat is kennelijk allemaal weer uitbesteed. Hand in Hand Travel, heet het. Het is eerst wel weer even wennen aan het drukke verkeer hier in de grote stad. Ik heb de indruk dat ze hier wat agressiever rijden dan in het zuiden. Daar is het meer leven en laten leven, en hier meer van: daar kan ik nog net even voorlangs. Ook zijn de mensen hier wat afstandelijker. Wel vriendelijk, maar minder toeschietelijk. 'Meer Frans', zegt K.

Na de lunch brengen we een bezoek aan het Volkenkundig Museum van Hanoi. Daar is veel te zien over de culturen van de vele minderheidsgroepen die Vietnam telt. Binnen is het erg benauwd en het stikt er van de jeugd op schoolreisje. Die hebben meer belangstelling voor ons, dan voor de uitgestalde zaken. Twee meisjes draaien al een hele tijd om ons heen. Ze zijn heel verlegen maar willen graag contact met ons. Dat is om hun simpele Engels wat te oefenen en om te laten zien dat ze gastvrij zijn voor vreemdelingen, zegt onze gids Miss Moon als verklaring. De meiden hebben wat om thuis te vertellen: op de foto met een paar van die aparte westerlingen. 'En we hebben Engels met ze gesproken!!'

Buiten is een openluchtmuseum. Daar zien we longhouses zoals we ze onderweg al 'in het echt' hebben gezien. En bijzondere graven, idem dito. Als we in een longhouse zijn, begint het me toch te regenen! Het stroomt met bakken uit de hemel, en het wordt ook maar niet droog. Het afgesproken tijdstip dat we terug moesten zijn, gaat voorbij. Gelukkig zijn we heel toevallig net met de hele groep tegelijk in dit huis. Niemand heeft regenkleren of een paraplu bij zich... Uiteindelijk rennen we maar door de regen naar de uitgang. Kletsnat gaan we in de bus zitten.Wel jammer dat we de rest van het museum moeten missen. Maar we mogen niet klagen. Het is pas de eerste regenbui van betekenis in twee en een halve week.

Terug bij het hotel is daar enige consternatie. Zojuist is de stroom uitgevallen. Een grote boom blijkt vlakbij ons hotel omgewaaid te zijn dwars over de straat tegen een ander hotel aan en in zijn val heeft hij de wirwar van elektriciteitsdraden meegenomen. Het duurt vrij lang voor er nutsbedrijven ter plaatse zijn. Intussen wordt het donker. Wij hebben in dit hotel samen één kamer waarin we ons na elkaar kunnen opfrissen voordat we aan de reis met de nachttrein beginnen. Dat moet nu dus allemaal bij kaarslicht. Ach, het lukt allemaal. We douchen het zweet en stof van ons af en kijken dan nog even hoe het gaat bij de boom.

Dan gaan we met de bus naar een restaurant dat gedreven wordt door een Belg. Petit Bruxelles heet het dan ook. Ik eet er een lekkere sole meunière. W. heeft een beenham besteld, maar dat blijkt zo'n brok dat ze aan de helft genoeg heeft. Niemand meldt zich als liefhebber. Ik kan zo'n stuk lekker vlees niet laten liggen. Het smelt op de tong. Ik eet er het lekkerste nog van af. Tja en dan loopt het tegen half tien. We rijden naar het station en checken in in de nachttrein die ons naar het Noorden zal brengen, naar Lao Cai.

We delen een coupé met B. en M. die wel boven willen slapen. We zitten tot 23.00 uur te praten en dan wurmen we ons maar in de meegebrachte lakenzak.

Het is heel heet en benauwd; ik ga wat uit de lakenzak maar later begint de airco kennelijk te werken en word ik wakker van de kou. Ik dreig telkens van het smalle bankje te vallen. Ik drapeer zo goed en zo kwaad als het gaat de deken over me heen, die ik eerst onder mijn hoofd had. Nu heb ik alleen nog het slappe hoofdkussen onder mijn hoofd en krijg ik een stijve nek. De trein schudt en ratelt over wissels en bruggen. Ik doe wat hazenslaapjes en Riet slaapt helemaal niet. Die zit bij het schemerlampje te puzzelen. Tegen half vijf staan we maar op. Ik ga me even een beetje opfrissen in het toilet. Daar werd nogal dramatisch over gedaan dat het zo'n vieze troep zou zijn. Ik vind dat dat alleszins meevalt. Dan heb ik het wel veel erger meegemaakt.