Mijn jaren op de Hervormde Kweekschool Assen - The Normal School Minstrels, mijn eerste bandje, 1964 1969; Sijtze

on 20 oktober 2015
Hits: 11720

 

 

The Normal School Minstrels, mijn eerste bandje, 1964 – 1969

door Sijtze Malda

 

 

Het begon allemaal in de trein: vanaf 1964 reisden we een paar jaar lang met een groepje studenten (leerlingen heetten we toen eigenlijk nog, het woord student werd alleen nog maar gebruikt als je op de universiteit zat, nu heeft elke opleiding na de basisschool studenten) bijna dagelijks op en neer tussen Hoogeveen en Assen, waar we op de Hervormde Kweekschool zaten. Onderweg zongen we veel, behalve toppers van die tijd ook veel liedjes van Peter Paul and Mary, het Kingston Trio, The Brothers Four, Harry Bellafonte, Pete Seeger, Bob Dylan, Donovan, Joan Baez.  Folk was "hot" in die jaren, vooral ook als de teksten tegen de gevestigde orde ageerden: protestsongs. 

Nederland deed ook mee met zangers als Boudewijn de Groot (Welterusten Meneer de President), Armand (Ben ik te Min). 

Je hoorde erbij als je tegen was.

Met mijn mede studenten Roel Dorgelo en Tonie Kerssies voelde ik al snel een muzikale klik. Zij speelden beiden gitaar, konden goed zingen en hadden een meer dan gemiddelde belangstelling voor eigentijdse folkmuziek, en ze wisten er ook veel van. Met mijn harmoniumlessen van juffrouw Feddema had ik een klassieke, gereformeerde dus degelijke muzikale ondergrond. Maar ik hield ook van moderne jazz en improviseren: vanaf 1960 luisterde ik als het mogelijk was op de zaterdagmiddag naar Radio Jazz Magazine, een programma van Michiel de Ruyter. Ik wilde daar alles van weten, kocht boeken en verdiepte me in de geschiedenis van de jazz.  En last but not least: ik probeerde tot ongenoegen van mijn vader jazz en blues op het harmonium te spelen.

Terug naar mijn studiegenoten: Ik bespeelde weliswaar geen folkinstrument maar ik had wel goede oren en zong in de trein graag mee. Noten en akkoorden lezen was voor mij geen probleem. De muzieklessen op school verschaften me inzicht in de harmonieleer: de kwintencirkel met ezelsbruggetjes als "Geef De Arme Een Bord Fruit" en "Friese Boeren Eten Alle Dagen Gort" was voor mij gesneden koek.

Kortom, genoeg bagage voor een muzikale reis.

Een bandje

En toen was er een bandje.

Ik weet niet precies meer hoe en wanneer we besloten om een bandje te gaan vormen, maar op een gegeven moment was het gewoon een feit. We noemden ons al snel The Normal School Minstrels naar voorbeeld van The New Christy Minstrels, een bekende folkgroep destijds. En natuurlijk met verwijzing naar de Normaalschool, het verouderde woord voor kweekschool.

Wie van ons die naam heeft bedacht weet ik niet meer.

Ongeveer tegelijkertijd kon ik via Roel voor 10 gulden een ukelele van zijn broer kopen, en al snel kon ik daarop met wat basisgrepen goed uit de voeten.

We gingen nu ook echt repeteren: elke zaterdagmorgen bij Tonie Kerssies thuis. Wat waren zijn ouders enthousiast over onze muzikale prestaties! Zijn vader gaf leuke tips en aanwijzingen en ondertussen zorgde moeder Kerssies voor koffie met koek. Het was bar gezellig. En ik kwam daardoor steevast te laat thuis voor het middageten, tot groot ongenoegen van mijn vader.

Roel en Tonie kwamen met repertoire suggesties, en namen beurtelings de leadzang voor hun rekening, mijn stem was minder geschikt voor solozang maar ik wist wel vrij gemakkelijk een tweede of derde stem toe te voegen en zong die voluit mee. In die meerstemmigheid vormden onze stemmen een bijzonder mooie eenheid. De opnames van toen laten dat goed horen. Roel met zijn donkere, warme en diepe stem, Tonie met zijn heldere tenor en mijn stem als een soort smeermiddel daar omheen en tussendoor.

Omdat Roel en Tonie alleen maar slaggitaar speelden en veel bezig waren met de teksten was het voor mij vooral een uitdaging om voor instrumentale variatie te zorgen: hier en daar een solo of een riff tussendoor op de ukelele. Of door later zelf een theekistbas te maken met één snaar van waslijndraad met ijzeren kern, die paste prima bij onze skiffle nummers als It Ain't Gonna Rain No Mo. Er zijn maar twee foto's waar ik op die bas op sta te spelen. 

                                                                                                   

  hier op theekistbas tijdens een klassenweekend op camping Witterzomer bij Assen

 

Nog weer later schafte ik bij muziekhuis  Noël een mandoline aan, voor de bluegrassnummers.

Ik geloof dat ons eerste optreden op een klassenavond was? Of was het op een avond voor de jeugd van de Gereformeerde Kerk? Voor die gelegenheden hesen we ons alle drie in een giletje. Dan voelden we ons echt een band. 

            

voor jongeren in het Herman Bavinckhuis                                                                           klasseavond Kweekschool   

 

En daar hoorde natuurlijk ook een fotosessie bij: een vriend van Roel, Robbie Bax kon goed fotograferen. Hij maakte een fotoserie van ons terwijl we door Hoogeveen liepen. Achter het raadhuis, op de kermis, en tussen oude rommel achter zaal Royal. Erg stoer vonden we onszelf, echte aankomende BN-ers.

                        

                 

                                                                                           

(foto’s: Robbie Bax)                                    

 

Een nieuwe muzikale wereld ging voor me open. Mijn ouders, met name mijn vader vonden het maar niks: ik kon mijn tijd maar beter aan mijn orgellessen besteden in plaats van aan die 'wereldse' muziek. Ook al zongen we af en toe 'christelijke' gospels.

Intussen werden we steeds meer gevraagd om op te treden. En op school waren we jaarlijks dè schoolband tijdens de grote avond.

   Grote avond Lyceum Hoogeveen

 

Het verbod

Het was ruim een jaar later dat mijn vader mij plotseling verbood om nog langer deel uit te maken van deze groep. Dat was een schok voor mij. De aanleiding was dat we gevraagd waren om in café Toldijk te spelen, net buiten Hoogeveen aan het begin van de weg naar Wijster. Dat kon hij niet goedkeuren. In dat soort gelegenheden raakten mensen op het verkeerde spoor, vond hij: drankmisbruik, gokken, kaartspelen, plezier om het plezier. En dat was zondig en behalve dat, ook nog zonde van het geld, calvinisme in het kwadraat dus! Niet dat hij dat met zoveel woorden zei maar de boodschap was duidelijk. Sowieso beschouwde hij alles wat met beeldende kunst, populaire muziek, jazz, theater, toneel, film, ballet als werelds vermaak en daarom verdacht en op zijn minst overbodig. 

Hij bood mij wel een alternatief, misschien ingegeven door het besef dat hij me toch iets moois had afgepakt? Ik mocht kerkorgelles nemen bij Martin Groenewold, een heel bekende organist. Dat heb ik een aantal jaren met veel plezier gedaan. Bij hem leerde ik improviseren, en verwierf nog meer inzicht in akkoorden- en harmonieleer. En ik kreeg de sleutel van alledrie de gereformeerde kerken om, wanneer ik ook maar wilde, op de orgels te spelen. Het orgel van de Hoofdstraatkerk was mijn favoriet, één van de grootste van de Gereformeerde Kerken in Nederland met drie klavieren en een volledig pedaal. Het liefst ging ik 's avonds laat: alleen op de tast in het donker naar boven klauteren totdat je hoog in de kerk bij de speeltafel eindelijk een lampje kon aandoen. Krakende banken. Heel spannend. En dan spelen tot soms na middernacht: Bach, Beatles, Blues, alles kwam voorbij. De muziek vulde niet alleen de kerk maar ook mijn binnenste. Op die momenten kon ik mijn frustraties over het verbod van mijn vader vergeten.

Maar goed, de realiteit bleef wel dat het met het bandje was afgelopen. Roel en Tonie zijn nog verhaal gaan halen bij mijn vader, ze belden op een avond aan en wilden mijn vader spreken. Ik bleef boven op mijn kamer en wist dat hun poging gedoemd was te mislukken.......

Zij moesten verder zonder mij, en deden dat gelukkig ook, onder diezelfde naam The Normal School Minstrels. Maar hoe frustrerend en pijnlijk was dat voor mij! Er volgden  vele mooie optredens zoals in de Tamboer in 1967 in een programma met Martine Bijl, of later met Cobi Schreijer. Achteraf moest ik dan in de krant de lovende recensies lezen.

Tegenover mijn ouders kon en durfde ik mijn teleurstelling hierover niet te uiten. 

En mijn vader sprak er verder niet meer over. 

Was het uit onmacht dat ik eens op een middag alleen in de huiskamer zo hard op de eetkamerstoel sloeg dat de houten rugleuning volledig doormidden brak? Ik schrok, dat was ik niet van plan. Tegen mijn ouders zei ik dat de stoel was gevallen omdat ik er per ongeluk tegenaan liep.

Toch weer meedoen

De Gereformeerde kerk had destijds een oud pand aan de Schutstraat naast de Chinees beschikbaar gesteld als ontmoetingsplaats voor 'hun' jongeren: de Schakel. 

In mijn herinnering was het een soort afbraakpand: er stond afgedankt meubilair, er hingen visnetten aan het plafond en er stond een jukebox. Twee nummers uit dat apparaat herinner ik me nog heel goed: Desaffinado door Ella Fitzgerald en Yesterday van de Beatles. Met enkele tientallen jongeren brachten we daar eens de kerstavond en de hele kerstnacht door om de volgende morgen natuurlijk weer de kerkdienst bij te wonen. Er was een maaltijd en er werd muziek gemaakt. Natuurlijk door Roel en Tonie. En ik had stiekum mijn ukelele meegenomen en deed gewoon mee. We speelden kerstspirituals zoals Virgin Mary, en When Was Jesus Born: en we waren weer even met z'n drieën! 

   kerstnacht in De Schakel

 

Toen we een poos later gevraagd werden om tijdens een bijzondere jeugddienst enkele spirituals te zingen keurde mijn vader dat stilzwijgend goed, of beter gezegd: hij verbood het me niet. Hij wilde me dit soort optredens blijkbaar niet ontzeggen: misschien omdat we christelijke liedjes zongen, en ook nog eens voor gereformeerde jongeren van de eigen gemeente? Eigenaardig toch dat er totaal niet over gesproken werd. 

Geleidelijk aan speelde ik weer volledig mee. En met mijn orgellessen ging het ook prima.

Aanvragen voor optredens bleven komen. Behalve in alternatieve kerkdiensten speelden we ook op andere gelegenheden ons folkrepertoire, zelfs eens voor de VARA radio in het programma "Plaats Gevonden" , gepresenteerd door Letty Kosterman, die keer uitgezonden vanuit Assen. 

Intussen had ik ergens een echte contrabas gekocht voor 30 gulden: een opgelapt ding met een "vernieuwde" vlakke triplex voorkant, geen gezicht eigenlijk en ook de klank was slecht maar beter dan die van de theekistbas, en het stond wel mooi.

Voor het vervoer van de hele band hadden we nu dus een bestelbusje nodig, ik was de enige met rijbewijs, vandaar dat het mijn taak was om bij garage Roozeboom aan het Haagje zo'n ding te huren. Dat kostte geld dus vroegen we voor een optreden 75 gulden en reiskosten.

 

   hier op contrabas met triplex voorkant, rond 1969  (foto Julius Pangkey)

 

Roel, de archivaris

Een beeld dat ik nog altijd als een foto kan oproepen is dat we in een kerstnacht in de sneeuw onder een lantaarnpaal op de Blankenslaan stonden te spelen bij het uitgaan van de rooms-katholieke kerk. Ik vertelde dit eens aan Roel en Tonie: beiden wisten zich dat niet meer te herinneren. Hoe selectief is ons geheugen!

Nog niet zo lang geleden ontdekte ik dat Roel tal van andere herinneringen heel goed gearchiveerd heeft, alles keurig geordend en chronologisch in een dikke map: affiches, aankondigingen, setlists, recensies, folders, foto's, programmaboekjes, allerlei correspondentie. Ik heb er dankbaar gebruik van gemaakt en kreeg er zomaar een nieuw stuk geheugen bij.

Voorbij...

En zo trokken we regelmatig als minstrels de regio in. Wat een tijd!

We maakten anderen en niet in de laatste plaats onszelf blij met mooie folksongs. 

Met spirituals hielpen we blijkbaar om 'het evangelie te verkondigen'. Ik had moeite met dat laatste, vooral als er van ons werd verwacht dat we onze songs gingen toelichten met zalvende woorden en met de dictie van een dominee.  Roel en Tonie waren daar beter in dan ik.

Na de kweekschool was het afgelopen. Ieder kreeg zijn bezigheden, Tonie ging verhuizen, Roel deed protestplicht en werd later erkend dienstweigeraar en ik ging gewoon in militaire dienst. Alleen in de weekenden traden we af en toe nog wel eens op. Geleidelijk groeide het besef dat het afgelopen was met The Normal School Minstrels.

Even natuurlijk als ons bandje was ontstaan kwam het ook tot zijn einde.

50 jaar later....

Voorjaar 2014 vond ik bij het opruimen van de zolder een tweetal zoek gewaande bandrecordertapes, zo'n vijftig jaar oud. TNSM stond erop, meer niet. 

Een recorder om ze af te spelen had ik niet meer. Dus op zoek naar iemand die zo'n ding had en die bovendien de opnames wilde digitaliseren. Gelukkig, de kwaliteit van de banden en ook van de opgenomen muziek – bijna 40 titels! - bleek nog verrassend goed, ook al waren de nummers door amateurs opgenomen (bandlid Tonie Kerssies, en studiegenoot Lammert Metselaar, die zelfs stereo opnames had gemaakt). 

Één van die liedjes 'Little Sparrow' (Fair and Tender Ladies) heb ik - met diavertoning want filmmateriaal van ons is er niet - op YouTube geplaatst. Roel en Tonie reageerden enthousiast. Het begin van een hernieuwde kennismaking.

KLIK hier voor het YouTube-filmpje

We kwamen een paar keer bij elkaar, en pakten onze muzikale draad met zoveel plezier en enthousiasme weer op dat onze partners onlangs een klasseavond hebben georganiseerd met medewerking van......ja natuurlijk The Normal School Minstrels!

 

     

  The Normal School Minstrels anno 2014                                        en op de reünie 2015

 

 

naar boven