Panama en Costa Rica, de foto's en het reisverhaal - van Boquete naar Bocas del Toro

Hits: 39152

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kaart van route van Boquete naar Almirante/ Bocas del Toro 

 

 

Van Boquete naar Bocas del Toro

 

 

Om acht uur verlaten we deze uniek gelegen verblijfplaats al weer. Dit is echt zo’n plek waar we gerust wat langer hadden willen verblijven. Ook al omdat de temperatuur hier zo gematigd is. ’s Avonds was het zelfs frisjes. Maar er wachten ons nog meer mooie overnachtingsplekken en er is nog veel te zien dus: verder! We stoppen nog even in het dorp Boquete voor pinnen (wie dat moet), water en zo inkopen. Het water schijnt in deze landen drinkbaar, zeker in Costa Rica, maar we nemen geen risico wat dat betreft, en drinken flessenwater. 

Onderweg

Na het oversteken van de Continental Divide, de waterscheiding tussen Pacific en Atlantische oceaan, drinken we in een klein koffietentje zomaar langs de weg onze koffie. Bij dit soort gelegenheden is Polle altijd actief: inventariseert wie wat wil, bestelt voor de groep en rekent af uit de pot die wij hiervoor en voor fooien e.d. hebben gevuld. Dat werkt perfect. We moeten later nog iets bijstorten omdat hij ook veel entreegelden voor ons uit de pot betaalt. De mevrouw van de koffietent heeft een goeie dag denk ik. De weg loopt door wat aardiger landschap dan laatst. De lunch gebruiken we op het kruispunt van weg 21 en weg 8 bij Chiriquí Grande. Het is een typisch lokaal restaurant, gerund door Chinezen. Het is een druk punt, waar mensen overstappen van de ene naar de andere bus. Er zitten dus ook veel lokalen. Het werkt met een soort buffet: je wijst aan wat de man moet opscheppen. Aan het eind kun je er drinken bij kopen en betaal je een relatief gering bedrag voor deze warme en best smakelijke lunch. We betalen $ 18 voor ons beiden. We zitten aan een soort vaste kampeertafels, overdekt maar in de open lucht. Wat een verschil overigens: hier betalen we dus 18 dollar voor twee warme lunches en in Dominical (aan de Costa Ricaanse westkust) betalen wij in het hotel 14 dollar voor één broodje kip.

 

Met de watertaxi naar de archipel van Bocas del Toro

Dan is het nog een uur rijden, naar Almirante, een wat vervallen en verlopen stadje aan de noordoostkust. Het stadje oogt armoedig, smerig, rommelig. De bus rijdt naar het haventje en zet ons daar af. Het loopt allemaal zeer gesmeerd. De koffers worden meteen uit de bus overgenomen door mannen die maar één tempo kennen: snel. De koffers worden ingeladen in twee boten. De beide ‘bendes’ elk in een boot. Polle gaat bij ons in en zo zijn twee boten net vol. We moeten een zwemvest omgespen en dan gaat het van start. Eerst nog in een kalm tempo. We kunnen rustig kijken naar de optrekjes op de wal. Ook daar is het een armoedige bedoening, zo te zien. Maar wel in een uitbundige tropische omgeving. Eenmaal buitengaats zet de stuurman de gashandle open en ontstaat er een boeggolf die net langs ons heengaat en waar je wonder boven wonder dus niet nat van wordt. De boot slaat nu en dan met een harde klap op de golven. Het is een half uurtje varen naar het grootste eiland van de eilandengroep Bocas del Toro, de ‘stierenmuil’. De tocht is fijn; op het water is het niet zo warm, hoewel het zwemvest dan weer niet zo comfortabel zit en zweterig is. Het hoofdeiland, waar we naartoe gaan, heet Isla Colón, Columbus-eiland. De ontdekkingsreiziger zou dit eiland op zijn reis aangedaan hebben, vandaar. Bocas del Toro is een uitstulping van dit eiland en op die uitstulping ligt het stadje B.d.T. We komen aan bij een soort aanlegsteiger. Overal langs de kust van dit plaatsje zijn zulke steigers, en restaurantjes aan en deels boven het water. Onze koffers worden op en in een taxi geladen en voor ons naar het hotel gebracht. Wijzelf lopen het stukje. Er zijn bijna geen andere auto’s op de weg dan een paar taxi’s en wat brommers en zo. Het toeristenplaatsje maakt daardoor een relaxte indruk.

 

Hippiesfeer

En relaxt is het: er hangt een beetje een hippiesfeer, met jongeren, surfers, backpackers, rastakapsels. We zitten aan de Caribische kant en die is in zowel Panama als Costa Rica nogal beïnvloed door de Caribische cultuur van Jamaica, Haïti, Puerto Rico en meer van die eilanden. Je ziet rasta’s, en mensen hebben een mentaliteit die meer nadruk legt op het genieten van het leven dan op het daarvoor krom liggen. Klinkt niet gek, toch? Wandelend door het stadje zien we veel barretjes, goedkope hostals, restaurantjes, enz. Wij logeren in een historisch pand, namelijk het Gran Hotel Bahia. In het houten gebouw was in de vorige eeuw het hoofdkantoor van de United Fruit Company gevestigd. Deze onderneming was een voorloper van het Chiquita-concern, van de bananen zeg maar. Het gebouw is helemaal gerestaureerd en van binnen verbouwd tot hotel. De enorme brandkast met deuren van 20 cm dik staat nog in de hal naast de receptie. Verder hangen er veel zwart-wit foto’s van de situatie zo die vroeger was. Een interessante slaapplek dus. Onze kamer is beneden, maar boven kun je heerlijk op een soort veranda aan de stadskant zitten lezen en kijken.

 

Stadswandeling

Nadat we ons geïnstalleerd hebben, maken Riet en ik een wandeling door het stadje. ’t Is hier zeer warm en vochtig, resp. 34 graden en minstens 75%. Vanaf ons hotel rechtsaf komen we bij de veerboot, en daarna dwalen we wat rond, zitten een poosje in het park. Daar staan grote waringins met een hele flora op stam en takken, o.a. veel mossen en grote, ook hangende bromelia’s. Bij de brandweerkazerne krijgen we de schrik van ons leven. Er klink een snel aanzwellend geluid en voor we er erg in hebben zweeft er een landend propellervliegtuig bij wijze van spreken rakelings over de kazerne. En over onze hoofden. De landingsstrip ligt hier vlak achter, zo zie ik later op de kaart. 

’s Avonds gaan we met z’n allen eten in een restaurant aan het water. Het hotel heeft alleen mogelijkheid voor ontbijt. Bij terugkomst blijkt er op het terras toch een soort feestje gehouden te zijn, met gedekte tafels. Maar het eten in het restaurantje was ook prima.

 

 

 landschap onderweg

 koffietent in de bergen

 stuwmeer

 naar de boottaxi naar Bocas del Toro

 inschepen; alle koffers moeten ook mee.

 het havenstadje Almirante

 schilderachtig maar armoedig

 de overtocht gaat snel

 Bocas city komt al snel in zicht

 ontschepen

 koffers in/op een taxi; wij lopen naar het hotel.

 relaxte sfeer in het bijna autovrije stadje

 het antieke houten hotel Bahia

 In de hal staat nog de oude kluis van de United Fruit Company die hier eens zetelde.

 Een van de oude foto's van vroeger. Zo ('t gebouw rechts) zag het hotel er toen uit. (Zie reisverslag!)

 plattegrond van Bocas

 omgeving hotel

             tropisch park Bocas city

 Het is een toeristisch stadje.

 Bananen en suikerriet te koop,

 en bakbananen, dat is een speciale soort.

 brandweerkazerne van het eiland Colón

naar boven