Van Chicago naar Seattle in 25 dagen. Road trip met een splinternieuwe camper - Dag 14: Dayville, OR - La Pine, OR

Hits: 9541

 

Dag 14: 26 maart/ Dayville, OR - La Pine, OR / March 26

 

De ROUTE 


Ochtend in Dayville. Het is een klein en ouderwets dorpje, maar alles is er: een city hall, een fire department, een school. We halen koffie (thee doen ze niet aan) bij een klein benzinestationnetje en gaan op weg. Vandaag staat op het programma John Day Fossil Beds National Monument. Het bestaat uit drie afzonderlijke delen, waarvan we er vandaag twee doen: Sheep Rock Unit en Painted Hills unit. We beginnen bij de Jamer Cant ranch. Deze historische ranch is eigendom van het NP en laat zien hoe het leven op een schapenranch er rond 1900 uit zag. Er staan oude landbouwwerktuigen en er is een stal waar je kunt zien hoe er gemechaniseerd schapen werden geschoren. De eerste fruitbomen bloeien al, en ondanks het bewolkte weer geeft dat toch mooie plaatjes.

Een paar mile verderop ligt de Sheep Rock Unit. Langs de weg beginnen steeds korte wandelingen. Eerst lopen we naar Blue Basin. Al gauw is te zien waar deze naam vandaan komt: de stenen zijn zeegroen. Ok, niet echt blauw, maar dat verschilt misschien ook met het licht wat erop valt. We lopen langs een klein beekje dat van de bergen naar beneden komt, langs ons heen steile, gekleurde bergwanden. Voornamelijk groenachtig, maar ook donkerrood bovenop, en beige tussenlagen. De foto's op mijn telefoon doen totaal geen recht aan de levendige, heldere kleuren in het echt helaas. Als we weer naar beneden lopen zie ik dat er al een aantal plantjes het aandurft om te gaan bloeien: gele klokjes, hele kleine witte bloempjes. De hele weg worden we begeleid door een prachtig fluitende vogel. En dat is ook het enige gelijk: het water van het beekje en de vogel. Verder. Niets. Heerlijk.

Het begint inmiddels zachtjes te spetteren. We rijden verder naar het volgende punt: Foree. Hier doen we twee korte wandelingen: ook weer naar prachtig gekleurde gerodeerde bergen.

Na Sheep Rock rijden we door naar de Painted Hills, waar ook de kandidaten van Wie Is De Mol van afgelopen seizoen zijn geweest. (Hier in Oregon zullen we trouwens nog meer van de locaties aandoen die ook op tv zijn geweest.) Ik heb wat hoofdpijn, dus doe even mijn ogen dicht. Opeens stopt Michel langs de kant van de weg. Er is niet echt een parkeerplaats, dus iets 'officieels' kan het niet zijn. Het blijkt een schoenenboom te zijn. Die heb ik al een keer eerder gezien deze vakantie, maar toen konden we niet stoppen. Nu stappen we uit en lopen we een klein stukje terug naar de boom waar wel honderd paar schoenen in hangen: wandelschoenen, sneakers, allerlei soorten. En hoog! Helaas hebben wij geen schoenen over om 'bij te dragen', maar grappig is het wel.

Een stuk rijden verderop liggen de Painted Hills. We rijden langs open range koeien, en regelmatig moeten we voorzichtig rijden om de net geboren kalfjes wat ruimte te geven. Wat zijn ze schattig!!!

Als de weg ophoudt gaat het verder over gravel. Officieel mogen we niet off-road met onze RV, maar dit is net zo recht en goed te doen als campingpaden, dus we doen rustig aan en ssssst! tegen de verhuurder.

Al snel zien we de eerste bontgekleurde heuvels opdoemen. Groen, rood, roze, paars, geel... Wat een apart natuurverschijnsel is dit. Sommige heuvels hebben meerdere kleuren. Soms lopen ze geleidelijk in elkaar over, soms is het opeens totaal anders gekleurd. We lopen eerst naar een overlook. Op de kaart staat ook een wandeling van 2,5 km, maar wel constant heuvelop. Als we onderaan de berg omhoog kijken lijkt het ondoenlijk, maar met goede moed beginnen we aan de klim. Eigenlijk valt het ontzettend mee, en voor we het weten gaan we de bocht om naar de achterkant van de berg en na flink klimmen zien we de top. Als we boven zijn weten we niet wat we zien. Al die prachtig gekleurde heuvels zien we nu van boven, en allemaal tegelijk. De RV zien we nog als klein wit stipje beneden op de parkeerplaats staan, en de mensen zijn net kleine kriebelbeestjes. Adembenemend, en niet alleen omdat we nog uithijgen van de klim.

   

 

De reden dat de vorige dagbeschrijving wat laat was, was dat onze datalimiet al ietsje eerder kwam dan dat we hadden gedacht. Het lukte niet om het online op te waarderen, dus we moesten weer een Walmart opzoeken om een kraskaartje met een code te halen. Toen dat was gelukt, konden we pas op zoek naar een camping.

Het begint al te schemeren, maar we vinden een State Park dat te betalen is. De rest hier in de omgeving is flink aan de prijs. Maar als we aankomen, zien we vanaf de weg al het bordje 'full'. Shit. Inmiddels is het echt donker, en ondanks dat Michel even voor de zekerheid gaat vragen blijkt de camping echt helemaal vol. Een belrondje naar andere campings in de buurt levert weinig op. Voicemail, soms überhaupt niet te verstaan, soms helemaal geen gehoor. De enige die we vinden is weer drie kwartier verder, en daar hebben we in het donker eigenlijk weinig zin in. Maar er zit niks anders op. Parkeren bij de Walmart zie ik ook niet zitten, dus het moet maar. Op zich niet zo'n probleem, ware het niet dat het onderweg gaat sneeuwen. En niet zo'n beetje ook. Het verkeer past zich gelukkig goed aan, maar de strepen op de weg zijn nauwelijks meer te zien, dus er zit niks anders op dan onze voorligger te volgen en te hopen dat die ook echt op de weg blijft. Ik zit met verkrampte handen in de passagiersstoel en ben verre van ontspannen, maar Michel doet zijn uiterste best om de RV kalm en vastberaden op het juiste (banden)spoor te houden. Ik kijk elke minuut op de TomTom hoeveel mijl we nog moeten, maar de mijlen zijn lang en het zicht wordt steeds slechter. Na wat nerveuze momenten komen we in de buurt, en gelukkig ligt de camping vlak naast de weg (zou ik normaalgesproken niet zo happig op zijn, maar nu ben ik er dankbaar voor). De borden geven het gelukkig goed aan, en we draaien de oprit op. We kunnen terecht op plekje 11. Eindelijk. We zijn er. Ik kan weer ademhalen.

Ik gooi wat worstjes in de pan, pak de mosterd en we eten maar even snel wat hotdogs. We ontdekken dat er niet alleen een highway vlak langs de camping loopt, maar ook (goh, alweer!) een treinspoor. Jottem. Maar we zijn er, we kunnen veilig en wel slapen, en de hotdogs smaken lang niet slecht, dus nu maar hopen dat de sneeuw morgen weer weg is.

Welterusten! (kedeng kedeng, kedeng kedeng)

 

naar boven