Namibië, de ongeslepen diamant van Afrika - Dag 4: Het Kokerbomenwoud, eten in het Canyon Roadhouse, naar de Fish River Canyon en wandelen op de rand ervan en een kamer met Uitzicht

on 21 november 2017
Hits: 10543

 

 

 

 

 

Woensdag 18 oktober 2017

dag 4: FISH RIVER CANYON                                     KLIK voor de route naar viewpoint            Route viewpoint naar lodge

 

Het programma:

“We vervolgen onze weg in zuidelijke richting en bezoeken het fascinerende Kokerboomwoud. De kokerboom is, in tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, een aloësoort en is met zijn bijzondere verschijning een van de meest in het oog springende plantsoorten van het land. Ook bewonderen we de bijzondere rotsformaties van Giant’s Playground. Aan het einde van de middag verkennen we Fish River Canyon, met een lengte van 170 kilometer en een gemiddelde diepte van 550 meter een van de grootste en diepste kloven ter wereld. We wandelen een stuk langs de canyon en hebben een magnifiek uitzicht over de kloof. De steeds lager zakkende zon verandert continu de kleuren van de steile kliffen, wat een adembenemend mooi schouwspel oplevert. Ook hopen we in het gebied dieren als struisvogels en de zeldzame bergzebra te zien. We overnachten in de omgeving van Fish River Canyon. (ca. 490 km)

NB Wanneer de tijd het niet toelaat om Fish River Canyon op dag 4 aan het einde van de middag te bezoeken, dan wordt het bezoek naar de ochtend van dag 5 verschoven.”

 

 

de huisjes aan de rand van de savanne bij opkomst van de zon

 

Ruim 200 km rijden naar een punt dat hemelsbreed 10 km ver ligt

Na een uitstekend ontbijt (ze hebben hier op alle logeeradressen yoghurt, soms bekertjes maar meestal goeie echte (ik bedoel: naturel) yoghurt, puur én soms ook met een smaakje,  met havervlokken, muesli, etc.) klimmen we weer in de safaribus voor een deze keer lange tocht van ongeveer 700 km. Dat het ruim tweehonderd kilometer meer is dan in het programmafragment hierboven staat genoemd, komt doordat er vlak voor we uit Nederland vertrokken een hotelwisseling kwam. Onder andere het hotel bij de canyon veranderde en dat werd nu de Fish River Lodge. Dat hotel blijkt aan de westkant van de canyon te staan  en het ‘main viewpoint’, het punt met uitzicht over de canyon waar we zullen gaan kijken en wandelen, ligt aan de oostkant. Ze liggen recht tegenover elkaar aan de andere kant van de kloof, zeg op een afstand van 10 km hemelsbreed van elkaar, maar omdat er weinig bruggen zijn, moeten we dus meer dan tweehonderd km omrijden om van het uitzichtpunt naar het hotel te komen. Dat is nog puzzelen met brandstof tanken, begrepen we van de reisbegeleider, én dus uren extra over redelijk slechte wegen hobbelen. Hier zijn het namelijk allemaal grondpade. Het is dus wel een lánge rit vandaag. 

 

onderweg  even een pauze

 

 

Kokerbomenwoud

Maar eerst bezoeken we het Kokerbomenwoud. Dat ligt 15 km ten noorden van Keetmanshoop (spreek uit Kietmanshoep). Sinds 1955 is de verzameling kokerbomen die hier bij elkaar staan, beschermd. Het gaat niet om een echte boom, want de quivertree op z’n Engels is een soort aloë, maar dan een die wel acht meter hoog kan worden. Geen wonder dat men het een boom noemt dus. De naam zou komen van de San, de ‘bosjesmannen’, die uit de dikke takken pijlkokers sneden. De stam en de takken zijn niet van echt hout, maar bestaan uit een vezelige substantie die mij wel aan de vezels van een kokosnoot doen denken. Dat kon ik zien en voelen aan stronken van oude afgebroken ‘bomen’ die hier staan. Meestal staat een kokerboom solitair, maar het bijzondere van deze plek is dat er zo’n 300 exemplaren bij elkaar staan: een ‘woud’ dus. Verderop op deze reis zullen we wel vaker eenzame exemplaren zien. Sommige kunnen wel 200 jaar oud worden. Pas na 20, 30 jaar gaat deze aloë bloeien. Ze groeien graag op ysterklippen, dat zijn zwart-bruine ijzerhoudende rotsen die veel warmte opnemen en vasthouden. Ze kunnen ook tegen nachtvorst; in de woestijn kan de temperatuur ’s nachts door de uitstraling flink dalen, ook tot onder nul! Ik maak heel wat foto’s want het is een bijzonder gezicht, die gelige stammen met rara kruin tussen de stenen.

 

   

   

   

de eigenaar op wiens land de kokerbomen staan, heeft op z'n erf een merkwaardige verzameling grappige meuk bij elkaar gezet

 

    

een mooie aloë                                                            en onze bus bij het kokerbomenwoud

 

Merkwaardig is, dat we de bijzondere rotsformaties van de Giants Playground uit ons programma niet bezoeken; we zijn er vlakbij! Als ik de reisbegeleider erop aanspreek, zegt hij dat het niet in zijn programma staat. De discrepantie tussen het programma dat wij hebben geboekt en dat wat Sense of Africa daadwerkelijk uitvoert, is wel wat merkwaardig. Ook later zal het nog een paar keer gebeuren. Na afloop van de reis zijn we hiervoor door de reisorganisatie in Nederland gecompenseerd. 

 

Canyon Roadhouse

We drinken koffie onderweg in een Sparwinkel, best goed trouwens hoor, en de lunch gebruiken we in het Canyon Roadhouse aan de D601, niet zo ver van het viewpoint. Het is een beetje een merkwaardig restaurant. Buiten staan diverse oude auto’s, wrakken soms, maar dat is nog niet zo raar want dat zie je hier wel meer, maar binnen staan er ook diverse. Sommige nog in redelijke staat. Zo zie ik er een oud model van de Willy’s Jeep, het oermodel jeep, waarop in Nederland de Nekaf jeep was gebaseerd, waarin ik reed in militaire dienst. Leuk weerzien dus. Hier is-ie vuurrood. De bar is ingericht als een ‘pompstasie’. Kortom, alles is een beetje ingericht zoals je in Amerika het wel eens ziet in zo’n restaurant op het platteland van een zuidelijke staat. We bestellen een lunch; het duurt toch nogal even voor we het bestelde hebben en de reisbegeleider heeft een beetje haast, wat geen wonder is gezien het drukke programma en de lange rit vandaag. Maar uiteindelijk is iedereen klaar en kunnen we verder.

 

    

kokerboom in een autowrak gegroeid en een fraaie succulent

    

mooie kokerboom bij de Canyon Road lodge                                               onderweg naar Fish River Canyon over het grondpad

 

Oudste kloof: Fish River Canyon

Het is nog 30 km naar het belangrijkste uitzichtpunt, bij Hobas, en dat ligt net bij een spectaculaire meander in de Visrivier en dus in de Fish River Canyon. Hell’s Corner heet de overkant, de bocht heet Hell Bend. Twee grote bochten maakt de kloof hier. De Fish River Canyon is niet de grootste kloof op aarde, dat is de Grand Canyon in de VS, waar we verleden jaar waren, maar wel de oudste. De kloof die we nu bezoeken, is circa 160 km lang, tot 27 km breed en is op sommige plaatsen tot 550 meter diep. De canyon ligt aan de benedenloop van de Visrivier. Deze rivier vervoert niet het hele jaar door water en is niet bevaarbaar. Het water is oranjekleurig. De canyon begint bij het plaatsje Seeheim en eindigt bij Ai-Ais. Daarna mondt de rivier uit in de Oranjerivier langs de grens met Zuid-Afrika. Bij Seeheim is dus ook de plaats waar we de rivier kunnen oversteken.

Maar eerst bekijken we nu de bochten in de kloof. Als we uit de ‘bus’ stappen, is het nog maar een klein stukje lopen naar een met riet overkapt uitzichtpunt. Er staan stevige hekken dus vallen is uitgesloten. We staan dus even uit de onbarmhartige zon en kunnen zo mooie foto’s maken. Met mijn camera volledig ingezoomd kan ik inderdaad de huisjes van onze lodge op de rand van de kloof aan de overkant zien staan. Daar logeren moet wel spectaculair zijn.

 

op de rand

het main view point met uitzicht op de Hell's Bend

 Hell's bend

hierboven links op de rotsrand het gebouwtje van het main view point

we kunnen de huisjes van onze lodge al zien aan de overkant van de kloof, maar moeten nog 253 km rijden om er te komen!

 

Wandelen langs de rand

Maar we gaan ook nog wandelen, naar een uitstekende punt verderop. Hier staan geen hekken zoals bij de Grand Canyon, ook geen waarschuwingsborden; je moet zelf maar zien hoe dicht je bij de kloof durft te komen. Het is wel indrukwekkend. Bij de Grand Canyon is bij de uitzichtpunten alles afgezet en is er een hele infrastructuur omheen gebouwd. Hier is behalve het ‘viewpoint’ helemaal niets aangelegd. Bij het lopen over de keiige grond moet je wel uitkijken. Er is niet echt een pad. Dat ongepolijste, dat vind ik wel aantrekkelijk. Bij het uitzichtpunt waren nog enkele mensen, onder wie een stel met kinderen op wereldreis, maar hier zijn we met ons groepje alleen. Je ondergaat zo’n landschap dan toch anders dan wanneer je wordt omringd door toeristen uit de hele wereld. De chauffeur heeft de bus naar ons eindpunt gereden zodat we niet terug hoeven lopen in de brandende zon. Ik maak heel wat foto’s, ook veel bijna hetzelfde, maar ik weet dat ik hier niet weer kom, dus wil ik zoveel mogelijk vastleggen. Een medereiziger maakt een foto van Riet en mij op de rand van de kloof.

Na drie kwartier is iedereen wel uitgekeken en rijden we terug, naar het Canyon Road House, waar we wat drinken. Ik heb nu wat meer tijd om het erf van dit hotel-restaurant wat beter te bekijken. Ach, die antieke auto’s –of wat er nog van over is-  geven wel een apart sfeertje. Het idee van de vergankelijkheid van eens gekoesterde spullen past perfect in dit desolate landschap. Op de treeplank van een oude pick-uptruck ligt een mooie tijgerkat onverstoorbaar te slapen. Dwars door de motorkap van een autowrak is een forse kokerboom gegroeid. Er staan trouwens nog een paar prachtige kokerbomen, maar ook vetplanten met rood doorschijnende bladeren en diverse soorten cactussen, waaronder eentje die lijkt op wat mijn vrouw thuis op de vensterbank heeft staan.

 

Slechte toegangsweg

Na de heerlijke koffie is het nog een paar uur rijden. We rijden via de C12 terug naar Seeheim, dan een stukje asfalt van de B4 en dan weer grondpad D 463. Drie uur 52 minuten rijden over 253 km zegt GoogleMaps.  Om op een plek te komen die hemelsbreed tien km verwijderd ligt van de vertrekpunt! Op de hele D463 hebben we geen andere weggebruiker gezien. Het wordt ook al wat later natuurlijk. Het laatste stuk van de route is nog zo’n 20 km lang en dat is een smal en bochtig en met veel hobbels. Het hotel waarschuwt zelf op zijn website: “Please note: The access road to the lodge just off the D463 is an adventurous 19km path through river beds and across open plains edged with mountains, where you may glimpse Kudu and Ostrich in the dry river beds. The road is best traversed using vehicles with high clearance or 4 x 4. We recommend that you drive this section slowly and carefully.”

 

A view unlike any other

Het wordt nu donker. Het gezwiep van de autolampen door de duisternis als we weer door een stenig rivierbed rijden en het constant door elkaar geschud worden plus de lange dag achter ons, maakt het stil in de truck. Als we over een erf rijden –bewoonde wereld!- denken we dat we er zijn, maar dan zijn we pas halverwege het laatste stuk. Dan passeren we een airstrip; die hoort bij de lodge waar we naartoe gaan. Soms zie ik in het lamplicht iets wegschieten. Wild. Het moet hier zat zitten. Dan eindelijk kunnen we de benen strekken en de lodge binnenstrompelen, stijf van het zitten. De lodge is aangenaam warm, -buiten is het onverwacht koud! Een harde wind komt uit de kloof en blaast dwars door mijn dunne kleren. We krijgen de sleutel van onze huisjes. Het hotel bestaat namelijk uit een hoofdgebouw met o.a. de eetzaal, en een twintigtal huisjes aan beide zijden die vlak op de westrand van de kloof zijn gebouwd. En dan bedoel ik: écht vlak op de rand! Nu is het donker en zien we daar niets van maar morgenvroeg zal het des te groter verrassing zijn. “A view unlike any other" adverteert de website. Dat is niets overdreven. We inspecteren even snel ons huis. Het is bijzonder van architectuur. Alles is design. Voor het huis is een groot terras, met uitzicht dus op de kloof. Nu staat er een harde wind die het onaangenaam koud maakt. Binnen is het wel wat warmer. De wind giert nog door de spanten van de terrasoverkapping en het dak van het huis. In de kamer is achter het slaapgedeelte een zeer ruime badkamer met twee wasbakken. Alles design. Rechtsaf is achter een nis het toilet en links is de inloopdouche, de vloer helemaal ingelegd met keitjes. Er is ook nog een buitendouche, maar die zullen we niet gebruiken. Te koud! Een bijzonder interieur.

 

Goed eten op afgelegen plek

In de eetzaal gebruiken we een heerlijke maaltijd. We verbazen ons erover (en zullen dat deze reis nog vaker doen) hoe goed het eten is op zo’n afgelegen plek. Aan het eind van de maaltijd krijgen we van de RL (reisbegeleider) door hoe laat we morgenochtend vertrekken. Hier horen we ook dat Riet en ik een vlucht boven de Namib-woestijn kunnen gaan maken; de reservering is door RL gemaakt. De RL had eerder die mogelijkheid geboden en een folder laten rondgaan. Het leek ons zo aantrekkelijk dat we besloten het geld ervoor over te hebben. Als we het niet doen, hebben we thuis spijt, zeggen we tegen elkaar. We hebben dus nog iets extra om naar uit te kijken. Het zal een unieke ervaring blijken te zijn, mooier nog dan de helikoptertocht boven de Grand Canyon.

 

 

De huisjes van deze lodge zijn design én praktisch  ingericht; links de deur naar de buitendouche, dan de binnendouche en de wastafels. Niet zichtbaar rechts is dan nog een nis voor het toilet en achter me is een ruimte om bij voorbeeld de koffers neer te zetten. 

 

 

 

 

naar boven