Vietnam 1: Reisverslag en fotoreportage - Zondag 13 april BMT Pleiku; over de Ho Chi Min Trail, bezoek minderheid Bahnar

Hits: 39549

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 KAART van deze route 

Zondag 13 april BMT → Pleiku; over de Ho Chi Min Trail, bezoek minderheid Bahnar

Een deel van de route loopt over de oorspronkelijke Ho Chi Min Trail, het pad door de jungle dat de Viet Cong gebruikte om de strijders in het zuiden te bevoorraden, maar dat nu omgebouwd is tot een mooie autoweg. Onderweg is genoeg te zien. De natuur is prachtig, de vervoermiddelen en wat ze vervoeren zijn altijd weer leuk om naar te kijken, de huizen, de peperplantages, de rubberplantages. We stoppen even bij een oorlogsmonument dat opgericht is voor alle soldaten die in de Amerikaanse oorlog sneuvelden en die iets met communicatie te maken hadden. De tractortjes met het kenmerkende vliegwiel aan de buitenkant zie je overal en ze vervoeren er alles mee. Vee, mensen, palen, zakken, verhuizingen…en vaak ook wel een combinatie van dit alles. 

Tegen twaalf uur zijn we in Pleiku, ook weer zo’n naam die bekend klinkt van zo’n veertig jaar geleden. Pleiku is tijdens de Amerikaanse oorlog volledig verwoest en in de jaren tachtig met behulp van Russische steun weer opgebouwd. 

We nemen onze intrek in het Roang Anh Gia Lai-hotel: veel marmer, grote zuilen, imponerende entree en een grote ontbijt- en dinerzaal. We gaan meteen aan een uitgebreide gezamenlijke lunch van acht gerechten. Het is warempel ook geen wonder dat ik een paar kilo ben aangekomen tijdens deze reis. Na het eten hebben we even om ons op te frissen op de kamer. Het ziet er allemaal keurig uit. 

Primitieve gewoonten

Jammer alleen dat de tweepersoonsmatras zo kei- en keihard is! Om half twee gaat de volgende excursie al weer van start: een bezoek aan een minderheidsvolk, een van de 54 in Vietnam, namelijk de Bahnar. We rijden erheen met de bus, een rit van drie kwartier. De overheid heeft van dit soort minderheden een dorp ‘opengesteld’ om tegemoet te komen aan de toeristische belangstelling. Deze dorpelingen moeten het dus goedvinden dat ze dagelijks aangegaapt worden en dat vreemde mensen hun huis bekijken. Een of twee huizen zijn altijd te bezichtigen. Het dorp schijnt wel een tegemoetkoming te krijgen. Later bij Cat Cat Village in het noorden was er een infrastructuur met een mooi betonnen pad aangelegd, waar de dorpelingen natuurlijk ook hun voordeel van hebben. We maken een flinke wandeling van ruim twee uur en onze inlandse gids vertelt veel wetenswaardigheden over de Bahnar. 

Hij als Vietnamees vindt de gewoonten van de Bahnar maar primitief en verwerpelijk en hij benadrukt dan ook dat de regering pogingen doet om alles in wat acceptabeler banen te leiden. Zo hebben deze mensen nogal bijzondere begrafenisrituelen. Ze begraven een dode, slachten dan de buffel (het kostbaarste bezit van een familie), brengen de dode nog dagen voedsel en drinken, graven hem na een tijd (1, 2 of 3 jaar naargelang de rijkdom van de familie) op en wassen het gebeente waarna de definitieve begrafenis kan plaatsvinden. Er wordt dan weer een buffel geslacht. En nog meer van dit soort verhalen vertelt hij. Zo staat de overheid ook niet langer toe dat de beesten onder het huis wonen. Kleine nog wel, maar de buffels en varkens niet. 

Bivakmuts in de hitte

Verder wandelen we een eind door de omgeving. Er is veel koffieteelt in de buurt. Hier en daar werken mensen, meest vrouwen, met zware hakken in de droge harde klei en dat in een hitte waarin ik al vreselijk transpireer als ik een eind heuvel op moet wandelen. In een soort winkeltje zien we twee jonge meiden met een hak over de schouder, en bivakmutsen over hun hoofd. Dat laatste is hier mode in dit dorp. In de winkel is een hoek afgescheiden om te slapen. Het is tegelijk ook woonhuis. Met de meiden is geen contact te krijgen. Ze spreken geen Vietnamees en zeker geen Engels. 

Een eind verderop komen we in een ander dorp. Een paar meiden zijn bezig met hun toilet in de ‘openluchtbadkamer’. Ook al is verbaal contact niet mogelijk, oma en kleindochter vinden het toch heel leuk als Riet hun de foto’s laat zien die ze van hen maakte. En de grieten op de foto  hieronder zien niet vaak fotograferende toeristen, zou je zeggen als je hun gezichten ziet.

Tja, we moesten twee keer de rivier oversteken. De eerste keer ging dat via een –gammele- hangbrug en de tweede keer moest het wadend. Gelukkig had Kris voor een paar handdoeken gezorgd. Het water is warm, maar toch verkoelend; de luchttemperatuur is meer dan 350 vandaag. Terug bij de bus drinken we in een ‘keet’, pardon locaal restaurantje, een fles heerlijk koud mineraalwater. Niet goed voor je darmen maar wel lekker.

Terug in het hotel kunnen we een lekkere douche nemen en dan is het weer aantreden voor het gezamenlijke diner in de eetzaal van het hotel. De mensen in de keuken hebben weer erg hun best voor ons gedaan. Tonnetje rond het harde bed in…



 

 

  rubberplantage

 

  wierook maken

 

 

 

 

 graven van de Giarai

 

  brandhout

 je hoort ze heel goed
maar je ziet ze bijna niet, net als in Zuid-Frankrijk: cycades. Hier zit er eentje. 

 koffiepluk

  longhouse

 meisje gaat water halen in kalebassen

 

  winkeltje

 arbeidsters dragen bivakmutsen tegen de zon

 longhouse met elektriciteit

  openlucht'bad'kamer

 de enige Vietnamees meteen baard

 door de rivier

 voorstelling

 giechelmeiden

 vrouw met pijp en kind

 

 

 

naar boven