005 'Breizh' Kamperen in Bretagne, aan de noord- en zuidkust - Vrijdag 16 juni Locronan en Douarnenez

by Lammert
Hits: 1523

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 


Vrijdag 16 juni Locronan en Douarnenez

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


We komen weer langs de kerk van St. Nic. Deze keer stoppen we om hem te bekijken. Het is hier zó stil op het goed onderhouden kerkhof om de kerk. 

 

kerk van St. Nic

volkskunst

 

 

Locronan is een toeristische trekpleister. Het is een tamelijk authentiek dorp/ stadje met o.a. een enorme kerk, sfeervolle straatjes en intieme hoekjes. Het is voornamelijk autovrij. Parkeren (betaald) moet je op een groot terrein buiten de plaats. Locronan is genoemd naar de Ierse monnik Ronan die in de 6e eeuw in Bretagne zou zijn geland vanuit Ierland. In de kapel la Chapelle du Pénity staat een 15e -eeuwse tombe met zijn afbeelding erop gebeeldhouwd. Relieken van de hier beroemde monnik worden er bewaard en vrij veel mensen komen er nu ook nog op af. Op de preekstoel zijn op een aantal medaillons scenes uit het leven van Ronan in beeld gebracht. Een van de laatste afbeeldingen laat zien dat het lichaam van de in St. Brieux gestorven monnik op een ossenkar is gelegd. De ossen mogen zelf de plaats kiezen waar de beroemde monnik begraven zal worden en zij lopen rechtstreeks naar de plek waar ooit de hermitage van Ronan stond. In Locronan dus. Op die plek staan wij nu naar de alle Ronan-verwijzingen te kijken. Er zijn bijvoorbeeld ook schitterende gebrandschilderde ramen met voorstellingen uit het leven van Ronan.

 Locronan

 dorpsplein

in de schaduw van de kerk

 

de buitenproportioneel grote kerk van Locronan, gewijd aan St. Ronan

    

Overal in de kerk zie je verwijzingen naar de heilige Ronan; hier het transport van zijn lijk op een ossenwagen van St. Brieux naar Locronan

 de tombe

   

detail van het deksel met de afbeelding van St. Ronan

 

preekstoel met afbeeldingen van het leven van Ronan, althans volgens de legenden

Detail: de dood van St. Ronan en het transport op de ossenwagen

 

pleintje waaraan we koffie dronken

Dan wandelen we rond het stadje. Wat je hier meer ziet: rieten daken (niks bijzonders voor ons) maar wat wel apart is dat is de nok. geen halfronde pannen zoals bij ons maar een constructie met gras en vooral lissen die erin groeien. Wij hebben ons hierover ook al in Normandië verwonderd, bij Honfleur in de buurt. Lissen hebben namelijk veel vocht nodig en een rieten dak juist niet....

   

Onderweg komen we een aardig kapelletje tegen met een aardig interieur.

   

Verdwalen doe je niet snel: houd de enorme kerk maar in het oog. 

 


Achter de kerk drinken we koffie op een terras en komen aan de praat met een Nederlands stel dat nota bene op dezelfde camping heeft gestaan als wij nu nog staan. We hebben ze daar nooit gezien. De camping is dan ook vrij groot, maar slechts voor een klein deel bezet, dus het blijft vreemd. Maar goed, toch een leuke ontmoeting. Zij gaan nu verder naar het oosten richting Lorient. Wij maken een wandeling in de toenemende warmte helemaal om het dorp heen, waar we onder andere nog een leuke kapel ontdekken. Ten slotte belanden we weer in de kern van het dorp. Hoewel het al laat is, besluiten we hier niet te eten maar door te rijden naar Douarnenez.


Daar is het eerst zoeken naar een geschikte parkeerplaats waar we wat langer kunnen staan. Dan op zoek naar een eetgelegenheid en per ongeluk belanden we bij een beroemd adres: L’ Athanor, met Spaanse en Franse gerechten. Alleen… het loopt al tegen twee uur en dan sluiten in Frankrijk de restaurants. We mogen nog een tafeltje bezetten en kunnen nog één gerecht bestellen. Het eten is niet goedkoop maar wel goed en smakelijk. We zitten in een vrij kleine ruimte die volgepakt is met prullaria, zo klaar voor de rommelmarkt. Achter de spullen gaat –zonde!- een fraai betegelde muur schuil met oude blauwe tegeltjes. Mooi, en waardevol denk ik.

Lunchen bij L'Athanor in Douarnenez

 


Bij de VVV halen we een plattegrond en aan de hand daarvan zoeken we ons een weg. De wandeling die we willen maken, zou aangegeven zijn met visjes in het wegdek. Nou, soms is het visje er wel en soms ook niet of op plaatsen dat het lopen op een puzzeltocht gaat lijken. Wie ziet het visje??? We volgen daarom al snel onze eigen route. Het stadje valt ons eigenlijk wat tegen. Zeker na Locronan, waar alles keurig gerestaureerd is. Hier is het soms ronduit vervallen. Het stuk bij de oude haven met museumschip is wel aardig. Daar bezoeken we nog een bijzondere kapel van St. Michel. Bijzonder is het plafond. Het houten dak is van binnen beschilderd met talloze Bijbelse voorstellingen. Ook de ribben van het gewelf zijn beschilderd. Een heel apart gezicht.

 kapel St. Michel

    

Bijzonder: een helemaal met Bijbelse voorstellingen beschilderd plafond


De waterkant met een plezier- en vissershaventje vinden we niet bijzonder. We hebben al veel mooiere gezien. Kortom, we zijn alweer verwend, blasé… Het wordt steeds warmer en we besluiten de route in te korten en terug te gaan naar de auto. Vanaf de andere kant van de baai waar je op het stadje kijkt, ziet het er heel aardig uit, maar wij vonden het stadje zoals gezegd wat tegenvallen. Toch is het al tegen half vijf als we onze weg het stadje uit zoeken. Langs de zo langzamerhand bekende wegen rijden we terug.

haventje van Douarnenez


Zaterdag 17 juni is een rustdag. We doen wat boodschappen in het dorp maar verder lezen en luieren we. Het is vandaag ronduit warm, te warm om in de zon te zitten. Gelukkig hebben we een plek waar we zowel in de zon als in de schaduw kunnen zitten.

 

naar boven