005 'Breizh' Kamperen in Bretagne, aan de noord- en zuidkust - 5 juni maandag: Sillon de Talbert en de Jardins de Kerdalo

by Lammert
Hits: 1524

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 


5 juni maandag:  Sillon de Talbert en de Jardins de Kerdalo

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


In de reisgidsen lezen we dat de Sillon de Talbert zo bijzonder moet zijn. “De Sillon de Talbert is net een uitroepteken dat is getekend op het schiereiland van Tregor en zich drie km voorzet in een zee bezaaid met rotsen. De smalle strook zand en strandkeien van 35 m breedte is gevormd door de tegengestelde stromen van de Trieux en de Jaudy. Deze minerale spits vormt niet alleen een beschutting voor de vele vogels en een weg voor de wandelaars, het beschermt ook de vaargeul tussen Paimpol en Bréhat. Een bijzondere plek!” (www.bretagne-vakantie.bzh)

 

bij Kermouster

 Kermouster

 

De koffie drinken we vanochtend in Lézardrieux. We bekijken de kerk waarvan de binnendeur overigens gesloten is zodat we het interieur wel kunnen zien maar niet naar binnen kunnen. Het stadje is stil; weinig mensen op straat. Langs de kust rijden we verder naar het noorden. Kermouster is zo’n dorp waar je nooit komt als je alleen de grote wegen neemt. En dat zou zonde zijn als je houdt van bloemen, leuke huizen, intieme straatjes.

Bij het Ile de Bois staan we op een parkeerterrein naast een auto met een echtpaar. Ze eten in de auto een soort gebak, als lunch denk ik. Ik knoop een praatje aan (‘mooi uitzicht over de baai bij de lunch’) en krijg meteen een stuk gebak aangeboden. We weigeren beleefd en dankend, we hebben ons eigen stokbrood, zeggen we. Zij is Bretonse en trots op haar landstreek. We moeten vooral ook de rotsen bij Ploumanac’h gaan bekijken, zeggen beiden. ‘Zo mooi!’ Die stonden al op ons programma. We wandelen een eindje over het droog liggende strand. Het ruikt er zilt en naar rottend wier. Het is eb dus het strand is heel breed. Het uitzicht op de baai is fraai. Na de wandeling zwaaien we nog eens naar het echtpaar in de auto. Ze zwaaien vriendelijk terug. Aardige mensen, die Bretons.

baai bij Ile de Bois. Het is eb. (vertekende panoramafoto) 


We rijden verder en wijken nu en dan van de doorgaande weg af om bij de kust te komen. De natuur is hier heel uitbundig, de tuinen van mensen idem en alles ziet er verzorgd maar niet té uit. Met té verzorgd bedoel ik: op zijn Oostenrijks, wat ik altijd een ‘aangeharkt’ landschap noem. Hier is het wat rommeliger en informeler, maar veel leuker en aantrekkelijker, vinden wij.
In de buurt van Lanmodez proberen we een eettent te zoeken maar hebben daar niet veel succes mee. Er is weinig en als er wat is, is het dicht of men serveert alleen koffie. Zo komen we na omzwervingen door de kuststreek toch terecht op de parkeerplaats bij de Sillon de Talbert. Het weer is intussen niet beter geworden. Er staat een stevige wind die je hier op die landpunt natuurlijk extra merkt. Als we een eind de smalle landtong opgewandeld zijn, gaat het spetteren. In de verte ziet het er dreigend uit. Aan onze paraplu hebben we in deze harde wind niks. Het is puur onaangenaam en we besluiten terug te lopen. We worden gelukkig niet al te nat voor we naar binnen stappen in een klein eettentje bij de parkeerplaats. Het zit aardig vol, het is ook maar zo klein, maar in de hoek kunnen we nog net zitten. De baas en zijn zus zijn er druk mee maar de ontvangst is gemoedelijk en informeel. We bestellen ieder een galette, een superdunne pannenkoek, en ik neem gerookte forel als vulling. Erbij een glas cider. Het smaakt uitstekend. Terwijl buiten de regen tegen de ramen klettert, zitten wij hier goed.


Na onze lunch is het weer nog niet zodanig dat we de kale landtong op willen. We zien ervan af. Wel jammer want ik had deze bijzondere wandeling wel willen maken, misschien ook nog foto’s van zeevogels kunnen maken, maar het moet wel leuk blijven. En dat is het met dit weer niet. We kijken in ons ANWB-gidsje wat een alternatief zou kunnen zijn. De tuinen van Kerdalo, besluiten we. Die liggen een eind zuidelijker tegenover de stad Tréguier aan de rivier de Jaudy. De tuin blijkt nog niet zo simpel te vinden. De bewegwijzering ernaartoe is on-Frans slecht (bv. slechts van één richting zichtbaar en dan natuurlijk net niet onze richting!) maar door stug volhouden en zoeken rijden we uiteindelijk toch het grote parkeerterrein op dat bij de tuinen hoort.

IMPRESSIE VAN DE TUINEN VAN KERDALO: 

 

het landhuis van de tuinen van Kerdalo

     

   

    


In 1965 heeft een schilder deze tuinen, de Jardins de Kerdalo, ontworpen en aangelegd. Na zijn dood heeft een dochter het beheer overgenomen. Ze hebben heel wat problemen moeten overwinnen, maar sinds 2007 zijn de tuinen zelfs tot ‘Monument Historique’ verheven. We betalen twee keer €8,50 als entree en mogen dan onze gang gaan, met een kleine plattegrond als leidraad. Het is een vrij groot gebied en het herbergt een uitzonderlijke afwisseling. Vijvers groot en klein, een waterval, een watertrap, een grot, paviljoentjes, borders, gazons, boompartijen, noem het maar. Het weer is nog steeds niet geweldig maar het is droog. We wandelen op ons gemak alle delen van de tuin door en maken veel foto’s.


De tuinen liggen op een geleidelijk aflopend terrein naast de rivier en door de hele tuin stroomt op een natuurlijke manier water, door een ‘canal’, vijvers, stroompjes, watervalletjes. We zien eerst de carrées, de vierkanten, waar je alleen maar bovenop kunt kijken: je mag er niet in. Dan lopen we even door het tuinhuis waar wat vergeelde foto’s hangen van hoe de tuin tot stand is gekomen. We zijn meer geïnteresseerd in de tuin nu. We lopen eerst naar boven, tot we niet verder kunnen en dalen dan af langs allerlei borders en boomgroepen, vijvers met soms prachtige doorkijkjes, beschutte omsloten plekken en dan weer gazons die een wijdere blik bieden. Zo nu en dan wordt ons ook een doorkijk op het landhuis gegund, dat hier volstrekt past in dit tuinlandschap.


Soms vallen er een paar spetters. Bij de grot gekomen gaat het wat harder regenen. Hier heb je tussen de dichte bamboebegroeiing door een mooi zicht op de oude stad Tréguier, maar doordat de harde wind net op ons af komt, genieten we daar niet echt van. We lopen terug en kijken nog even op de terrassen. Die liggen wat hoger dan het huis en hebben een gevarieerde beplanting met veel bloemen, maar helaas moet de paraplu nu op en regent het flink door. Foto’s maken wordt zo al moeilijk. Druppels op de lens maken de opnamen wel sfeervol misschien, maar we hebben het ook wel gezien nu. We lopen hier nu al een paar uur rond. Het was erg mooi en eigenlijk troffen we het nog met het weer. We bedanken de mevrouw van de kaartjes en lopen terug naar de auto.


Op de terugweg naar de camping gaat het harder waaien, met regenvlagen. Bij de caravan is het nu ook geen pretje want we staan op het hoogste punt van het terrein en vangen veel wind. Die rukt zo hard aan de luifel dat de caravan ervan schudt. Ik besluit het ding eraf te halen. Zo wil ik de nacht niet in. Dat bergen van de luifel is nog niet zó gemakkelijk in die wind, maar gelukkig is het even droog. We krijgen alles nog redelijk droog opgeruimd. Als we eenmaal binnen zitten begint de regen weer te kletteren en gaat de hele avond door en ook ’s nachts regent het soms hard en voel ik de rukwinden de caravan schudden. Gelukkig dat ik doorgezet heb om de luifel eraf te halen.

6 juni

Ook de volgende dag blijft het zulk weer. Soms is het wel droog, maar de wind blijft stevig waaien. Het is er koud bij, 16 graden of zoiets. Later in de middag nemen de buien af en komt de zon er zelfs even bij. Ik doe nog even boodschappen bij de Intermarché in Plouézec. De wilde wolkenluchten zorgen wel voor een fraaie zonsondergang. Zelfs de zee kleurt roze.

 

Oester- of mosselbanken voor de kust bij de camping

 

 

strand bij de camping bij helder weer

 

naar boven