Jan Siebelink: De bloemen van Oscar Kristelijn

Hits: 1201

Jan Siebelink:  De bloemen van Oscar Kristelijn

Enkele opmerkingen en stellingen

      

 

 

Inleiding Boekbespreking van dec. 1999

 

Jan Siebelink  De bloemen van Oscar Kristelijn

Jan Siebelink is een collega van ons. Hij werkt al vele jaren op een middelbare school (het Marnixcollege)  in Ede als docent Frans. Hij groeide op in een protestants-christelijk milieu in de buurt van Velp, als zoon van een kweker. In zijn boeken klinkt dat milieu soms meer, soms minder door. Anders dan bekendere auteurs zoals Wolkers en ‘t Hart heeft Siebelink dat milieu niet afgezworen. Ook hij neemt soms afstand, zeker van de strenge leer van de sekte waartoe de vader in ons boek zich wendt. Dit ontaardt echter niet in schoppen tegen heilige huisjes.

In het artikel uit de Encarta encyclopedie kun je iets meer lezen over het werk van Siebelink. 

Siebelink heeft zo langzamerhand een indrukwekkend oeuvre op zijn naam staan van zo’n 24 romans en verhalenbundels. In dat licht is het eigenlijk vreemd dat hij pas in nummer 32 van onze boekbesprekingen aan de orde komt.  Een mogelijke  verklaring zou kunnen zijn dat Siebelink al heel lang schrijft maar nooit echt doorgebroken is.  Een nieuw boek van hem werd nooit als een Gebeurtenis ervaren. 

Het milieu waarin sommige van zijn boeken spelen, is ons niet bepaald vreemd: het schoolwereldje van een middelbare school. De verhalenbundel Laatste schooldag sprak mij erg aan. Allerlei herkenbare situaties met scherp observatievermogen maar ook met een grote betrokkenheid en veel meedogen genoteerd. 

Deze bundel maakte mij nieuwsgierig naar meer. Toen ik op de achterflap van De bloemen van Oscar Kristelijn zag dat deze bundel gezien kon worden als een vervolg op de vorige, was mijn keus voor een te bespreken boek gauw gemaakt. 

 

In de volgende paragraaf zal ik enkele stellingen poneren en toelichten. 

 

Stellingen en toelichting

 

De vorm van de bundel zaait verwarring. Op de achterflap wordt gesuggereerd dat het om een roman gaat. Op de eerste pagina staat ‘verhalencyclus’.  De uitgever had de toevoeging ‘verhalen’ op de cover moeten zetten.

 

De functie van het verhaal Christusstand is onduidelijk. 

Qua thema past het verhaal wellicht nog wel in deze bundel. De troosteloze sfeer van een mislukkende kerst-inn past wel bij de somberte van de verlopende kwekerij. De vernedering die de jonge Savelkouls moet ondergaan (volstrekt onverwacht voor hem trekt een door hem bewonderd meisje zijn broek naar beneden terwijl de jongen met bovenmenselijke inspanning de Christusstand in de touwen doet en zet hem zo voor gek) doet denken aan de vernederingen die de vader van Oscar moet ondergaan, bijvoorbeeld bij de verdeling van de erfenis van opa en later als Berkhof zijn kwekerij voor een deel opkoopt om er een tennishal op te zetten.  

Toch verstoort het verhaal (reeds uit 1976 !) voor mij de cyclus. 

 

De schetsen die godsdienstwaanzin  van de vader tot onderwerp hebben, zijn qua sfeer prachtig getroffen. Voor mijn gevoel vol onbegrip en ingehouden woede maar tegelijk met respect. 

Ontroerend zijn de passages in Heilig Avondmaal waar de vader in het zicht van de dood zijn vrouw verloochent en kiest voor ‘het zwarte volk’.

 

Oscar Kristelijn doet wat heel wat collega’s van hem in het onderwijs tegenwoordig ook graag zouden doen als ze durfden: hij zegt het onderwijs vaarwel en begint een bloemenstalletje.

Maar: “tussen droom en en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren, en ook weemoedigheid (…) die des avonds komt, wanneer men slapen gaat.”  1)

En dus: geen bloemenstalletje maar proberen overeind te blijven tussen collega’s  en directieleden die het op je gemunt hebben, waarmee wij bij de volgende stelling zijn.

(1) uit Willem Elsschots Het Huwelijk uit 1910)

 

Als je tegenwoordig in het onderwijs werkt op een school waar de onderlinge sfeer goed is, heb je het goed getroffen. 

In dit boek schetst Siebelink (eens te meer) de slangenkuil die De Vallei is. Een goede collega die als rector verkeert in je ergste vijand die publiekelijk het geschil op de spits drijft. Een andere  collega die je een schilderij van Herman Brood afhandig maakt en dat voor veel geld in een eigen galerie te koop aanbiedt. Weer een andere collega die eerst wordt ingepalmd en daarna afgedankt door een jonge ambitieuze vrouwelijke collega…tot de dood erop volgt. De –ik- die het liefst onderduikt in de onderaardse gewelven van het oude gebouw, zelfs als dat door politieke machinaties al half is afgebroken. Het houdt niet op met intriges en persoonlijke drama’s. 

 

 

De bundel is tamelijk onevenwichtig wat betreft de thematiek. Ik had het al over het verhaal Christusstand dat ik niet vond passen in deze bundel. 

Ik zie deze bundel enerzijds drijven op het thema van de jeugd van de –ik- en alles wat daarbij hoort: de teloorgang van de kwekerij en de ‘bekering’ van  de vader e.d. en anderzijds op het thema van de school. In dat verband zie ik bij voorbeeld het stuk over de zoon van de –ik- en zijn lid worden van een studentenvereniging niet zo passen. Maar misschien zie ik het boek nu te veel als roman. Daarmee zijn we dan weer bij mijn eerste stelling terug. Voor een ‘gewone’ verhalenbundel zit er te veel structuur en rode draad in het boek. Voor een roman te weinig. Ik blijf de vorm dan toch een zwaktebod vinden. 

 

 

In vergelijking met collega-schrijvers met een (strenge) protestants-christelijke achtergrond is Siebelink heel mild in het kritiseren van dat milieu. Alleen daarom al is de bijdrage van Siebelink aan de Nederlandse literatuur waardevol.

Maar kennelijk is commercieel gezien het omver schoppen van heilige huisjes aantrekkelijker: kwalitatief behoeft Siebelink niet onder te doen voor een Maarten ‘t Hart, maar zijn bekendheid en daarmee commerciële succes is een stuk minder groot. 

 

 

Boeken als deze bundel van Siebelink helpen niet bepaald om het huidige tekort aan docenten in het reguliere onderwijs te verminderen. 

 

 

Siebelink kan schrijven. Het schetsen van sfeer en psychologie gaat hem erg goed af. Bovendien schrijft hij een heel goed leesbaar Nederlands met veel oog voor detail, dat echter soms wat neigt naar een wat barokke woordkeus en zinsbouw. 

 

 

De bloemen van Oscar Kristelijn is een bij vlagen heel onderhoudend boek, maar Siebelink had er goed aan gedaan er een roman van te maken met als thematiek de beide lijnen die ik in (6) onderscheidde. 

 

naar boven